Shoulder to shoulder #Ghattas en #Hozar

The Black Wave (Kim Ghattas) and Aria (Nazanine Hozar), two books, two feminine authors, standing shoulder to shoulder

Two weeks ago I bought “The Black Wave” from Kim Ghattas at the neighborhood bookstore. In her journalistic book she reports on the reality that completely changed in 1979 in different countries and in different places in the Middle East. She focuses in particular on the rivalry between Iran and Sudi Arabia, the radicalization of religion in both countries in which other countries have been sucked. As a result, the original diversity in the population and the relatively peaceful society of Muslims (in their diversity), Jews, Christians, has been pushed aside by Salafism and Wahhabism. And that while the vast majority of people sigh underneath. Each of the chapters is associated with individuals, including scholars and journalists, who dared to express their critical views and who had to pay with imprisonment or even their lives like Jamal Kashoggi.
The Black Wave made a lot clear to me about the situation in the Middle East. At the end Kim Ghattas sighs that the choice is between despair and hope. But she cannot escape the choice of hope despite all the misery she has described
After finishing Ghattas’ book I found among the recently published books the novel Aria by Nazanine Hozar. She tells about a girl who grew up in Tehran in the years before the revolution, before the arrival of Komeini in 1979. These books complement each other for me. One reports the facts and interprets them, the other weaves the events into a story.
Nazanine Hozar tells the story of Aria, a girl who is being abandoned after birth. Then she has three mothers in different backgrounds who have a big influence on her life. Despite this childhood, Aria develops as an independent and headstrong person.
The peers she associates with all have different religious roots (Jewish, Zoroastrian, Muslim, Christian, agnostic). In this way they represent the population in Tehran before the revolution of 1979.
A gray veil falls over Aria and her generation. Friends from her childhood turn out to be enemies. A good friend of hers is executed innocently by a childhood friend. While all women now wear dark-colored garments and headscarves, there is one unknown woman in the centre of Tehran who is completely dressed in red. Color of love and hope. She does not give up. Aria admires her. She feels related to this woman. As if this unknown woman is her real origin.
This novel – for a fascinating novel it sure is – tells the story of Tehran and the Iranian people in the decades . But it is not an allegory. Aria and the people in her life are flesh and blood.
Yet it is significant that Nazanine Hozar gave her main character the name Aria. A lovesong that echoes at night. The name for Iran, albeit a woman this time with a masculine name.
The Black Wave and Aria, two books, two feminine authors, standing shoulder to shoulder, on the brink of despair both stil choosing for hope.

‘Ik mis mezelf’ In de huid kruipen van een mens met Alzheimer

Recensie ‘Ik mis mezelf’ Lisa Genova (2008) Foreign Media Books, Amsterdam

Geheel toevallig viel mijn oog in de bibliotheek op “Ik mis mezelf” van de Amerikaanse auteur Lisa Genova. Op de omslag las ik “Een prachtige roman over de vernietigende kracht van alzheimer”. Deze gelikte aanbeveling ontnam me bijna de lust om het boek mee te nemen en te gaan lezen. Mijn nieuwsgierigheid en mijn verlangen naar een roman waarin de auteur het waagde zich serieus probeerde in te leven in een persoon met de ziekte van Alzheimer kregen toch de overhand.
Als pastoor heb ik in de loop der tijden veel mensen die leden aan deze ziekte, meegemaakt, thuis of in een verzorgingshuis. Grijsaards, maar ook mannen en vrouwen in de vijftig met vroegtijdige Alzheimer. Ook heb ik van heel nabij gezien hoe de naaste omgeving met hen omging, en de verzorgers. Wat heb ik vaak verzucht dat ik graag een keer voor even in de huid zou kunnen kruipen van iemand die aan dementie lijdt, om de verwarring van binnen uit te ervaren. Hoe groot is de ontreddering, hoe spookachtig de ervaringen? Wat zijn de misschien de schaarse lichtpuntjes of momenten van blijdschap? Want zou ik na de dementie van binnenuit beleefd te hebben, als een astronaut die op aarde is teruggekeerd, niet veel beter met onze naaste die Alzheimer heeft kunnen omgaan? Deze roman zou niet deze wens vervullen, maar me misschien toch in staat stellen om beter in de huid te kruipen van een mens met dementie doordat deze de hoofdrol speelde in “Ik mis mijzelf”. Een treffende titel voor een mens die niet alleen de anderen en de dingen en de gebeurtenissen niet meer herkent, maar gaandeweg ook zichzelf niet. De oorspronkelijke titel “Still Alice” is bijna onvertaalbaar, ook vanwege de dubbelzinnigheid.
De hoofdpersoon, Alice, in het drama dat zich voltrekt, is een 50 jarige psychologieprofessor aan de vermaarde Harvard Universiteit. Ze heeft zich verdiept in de taal, de processen in het menselijk brein die voor de interne en externe communicatie zorgen. Ze heeft een baanbrekend werk geschreven op haar vakgebied, samen met haar man John. Sommigen van de gebruikelijke psychologische testen om stoornissen vast te stellen, zoals Alzheimer, heeft zij zelf ontworpen en toegepast. Uitgerekend bij haar wordt in een vroeg stadium, door haar eigen alertheid, de vroege en agressieve vorm van Alzheimer vastgesteld. Door de hoofdstukken heen, genummerd zijn naar de maanden waarin het proces zich afspeelt, september 2003-2005, verhaalt Lisa Genova hoe de ziekte voortschrijdt, wat de symptomen zijn, en wat de gevolgen zijn voor Alice zelf, haar man, de drie studerende kinderen, voor de collega’s en studenten aan de faculteit. Ik vind dat de auteur dit op een overtuigende, niet sentimentele manier doet. Ze maakt de dingen niet mooier en ook niet afstotelijker dan ze zijn. Hoewel goed geschreven is het geen literaire roman. De oorzaak is de intentie van Lia Genova om de ziekte en de symptomen uit te leggen aan de lezer. Dat geeft de lezer het gevoel om buitenstaander te zijn, niet alleen wat betreft de ziekte – dat is vrijwel onvermijdelijk –  maar ook in relatie tot de persoon van Alice en het verhaal. Dat is jammer want het chaotische dat Alice beleeft wordt zo gladgestreken door de verhaalvorm. Naar mijn idee zou een nog begaafdere schrijver mogelijk in staat zijn iets van de chaos in de tekst van het verhaal zelf te verwerken.
“Ik mis mezelf” is een informatief en ontroerend boek. Het gegeven dat Alice buitengewoon intelligent, geleerd, kundig is en benijdenswaardig goed college geeft en inleidingen op congressen houdt, maakt haar vroegtijdige Alzheimer bijzonder dramatisch, want de ziekte raakt haar juist waarin zij zo goed is en zoveel van weet. Dat deed mij al lezend wel af en toe verlangen naar een roman waarin een ‘gewoon’ mens, een profvoetballer, een violiste, een filiaalhoudster van een supermarkt, de hoofdpersoon was.
Ik kan “Ik mij mezelf” iedereen aanraden. Nog steeds zie ik teveel mensen die vergeten dat een man of vrouw met Alzheimer niet minder mens is, geen ding dat het niet meer doet. Zij is een mens met gevoel, met behoefte aan aandacht, serieus genomen worden, zorg, en ontspanning. Gelukkig constateer ik dat vrijwel niemand meer woorden ‘ kinds’ of ondeugend inde mond neemt zoals in mijn jeugd nog vaak gebeurde. Dit boek kan er zeker toe bedragen dat we nog meer begrip krijgen
voor mensen met Alzheimer en andere stoornissen, en dat we niet met een boog om heen heenlopen, maar oprecht geïnteresseerd zijn in hen als medemens.
“Ik mis mezelf” eindigt niet in de dood van Alice, ook niet in de complete geestelijke verwarring. Het boek stopt op het punt waar liefde voor elkaar nog ervaarbaar is ondanks alle verwarring en vervreemding. Zou het dan daarna niet meer zo zijn? Een respectvol en uitdagend einde van een treurige en trotse roman.

© Martin Los

Oorspronkelijke titel Still Alice, 2009 Pocket Books a Division of Simon&Schuster New York