Homilie op de 28ste zondag door het jaar Mariakerk De Meern 12 oktober 2014

kruispunten2014Preek op de 28e zondag door het jaar in Willibrordkerk 11/10 en Mariakerk 12/10 2014

Voorgeschreven Schriftlezingen uit het wereldwijde leesrooster van de r.k. kerk: 1e lezing Jesaja 25:6-10a Evangelie: Mattheus 22:1-14

Lieve zusters en broeders,  aan de hogepriesters en oudsten van het volk vertelt Jezus een gelijkenis over genodigden, die niet op komen dagen op het feest. De hogepriesters en oudsten, dat zijn de religieuze en maatschappelijke leiders in die tijd.
De gelijkenis was ook zeker bedoeld voor hen.  Maar niet alleen voor hen. Ze is een spiegel in elk tijd opnieuw.
De Heer houdt de autoriteiten een spiegel voor. Iemand  of een groep een spiegel voorhouden wil zeggen dat je de ander zichzelf laat zien en wat eraan mankeert. Geen veroordeling, maar uitnodiging tot ommekeer.

Jezus constateert dat ze godsdienst uitvoeren op een wijze die God zelf niet bedoeld heeft. Worden de godsdienstige feesten niet plechtig en op de goede tijd uitgevoerd? Worden de religieuze voorschriften dan niet nageleefd? Jazeker wel. De voorgeschreven gebeden worden gezegd, de vasten worden gehouden, de reinheidswetten worden nageleefd.

Op al die uiterlijke voorschriften wordt zelfs extra nadruk gelegd. Want het land is bezet door de Romeinen. Nogal wat geboren Joden passen zich aan aan de Romeinse gewoonten om bij de tijd te zijn.
Het is dus zaak vinden de religieuze leiders om op te komen voor de tradities van de voorouders. Anders dreigen die verloren te gaan.
Maar die nadruk op de uiterlijke kant van de godsdienst leidt ertoe dat men de werkelijke betekenis uit het oog dreigt te verliezen. En dat zo ook niet de kracht en de heilzame invloed aan het licht komt.

Zo ziet Jezus dat veel godsdienstige mensen hun uiterlijke verplichtingen stipt nakomen. Maar hij ziet ook dat ze zich weinig liefdevol gedragen tegenover hun medemensen. Ze verschuilen zich om maar iets te noemen achter religieuze voorschriften om zich aan de zorg voor hun ouders te onttrekken.
Die nadruk op de uiterlijke kant van de godsdienst leidt er ook toe dat er een scherp onderscheid wordt gemaakt tussen mensen die de voorschriften in praktijk brengen en degenen die dat niet doen en ze zelfs niet eens goed kennen. Tussen de “vrome” mensen en de “zondaars”.

God kennen, God liefhebben en dienen, zou een feest moeten zijn. Maar dat is het op dat moment absoluut niet. Voor een beperkt aantal is het een feest, maar velen staan aan de kant. Een feest voor velen is het zeker niet. Want ware godsdienst, zo staat in vele plaatsen in de Heilige Schrift te lezen is barmhartigheid: “gehoorzaamheid (namelijk barmhartig zijn) wil Ik en geen offers”.
Jezus houdt de leiders voor dat zij doen als gasten die genodigd zijn op een feest, maar de uitnodiging in de wind slaan. Want waar is de barmhartigheid?
Als dat zo blijft, zullen ze vreemd opkijken. Want ménsen kunnen van de godsdienst een karikatuur maken. Gód zelf laat geen karikatuur van zichzelf maken. Als degenen die God dienen zijn bedoeling in de weg staan, dan zal Hij zelf het initiatief nemen tot iets nieuws. Dan neemt Hij het initiatief om te laten zien wat er gebeurt als zijn wil echt echt wordt uitgevoerd. Dan zal het echt feest zijn.

Daarom zegt de koning in de gelijkenis tot zijn dienaren: “Ga naar de kruispunten der wegen en nodigt wie je maar vindt, uit voor de bruiloft”. Het feest moet doorgaan.
Als dat gebeurt, komen mensen van overal om het feest van Gods liefde te vieren met elkaar.
Ineens blijkt dat vele mensen waarvan je het niet verwacht, snakken naar de liefde van God. Ze grijpen die met beide handen aan als ze door Jezus voelen dat God hen liefheeft en hun wil troosten en bemoedigen.

Lieve zusters en broeders, we danken Jezus dat Hij tot het uiterste is gegaan. We danken Hem dat Hij voor altijd Gods barmhartigheid heeft getoond aan het kruis. Hij spreidde zijn armen uit naar alle mensen die geloven in de goddelijke barmhartigheid. Dat is initiatief waarover Jezus in de gelijkenis spreekt. Talloze mensen vinden in de uitgespreide armen hun leven terug als kinderen van God.

Wij voelen op onze klompen aan dat de gelijkenis nog steeds een appel op ons doet om niet in dezelfde fout te vervallen als toen. Dat we uiterlijke regels voorop stellen. En dat we onderscheid maken tussen mensen die erbij horen en die er niet bij horen.
Dus de vraag is ook nu of niet mensen buiten de boot vallen door omdat bestaande regels geen rekening met hun situatie houden.
Soms lijken kerkelijke regels goddelijke regels omdat ze al zo lang gelden. Maar in bepaalde tijden blijkt gaandeweg dat die kerkelijk regels die heel lang het leven in goede banen hebben geleid, hier en daar slijtage vertonen.  Het lijkt dat ze een sta in de weg geworden zijn voor de geloofwaardigheid van de verkondiging van het Evangelie.  Dan komt de vraag op of bepaalde eerbiedaardige regels echt wel goddelijke regels zijn of menselijke interpretatie.

In Rome buigt zich in deze twee weken een buitengewone synode over vraagstukken rond het gezin. Aan de ene kant kan de kerk niet anders dan de grote waarde van het gezin en het huwelijk opnieuw voor het voetlicht brengen. Dat heeft deze wereld nodig. Dat hebben wij nodig.
Aan de andere kant hebben we te maken met een groot aantal huwelijken dat op een teleurstelling is uitgelopen. Met gebroken gezinnen. Nieuw samengestelde gezinnen. Met mannen en vrouwen die ontdekt hebben dat ze anders zijn en die zich aangetrokken voelen tot iemand van hetzelfde geslacht.

Leven dan alleen zij die een normaal huwelijk en gezin hebben, of die alleen door het leven gaan, in volledige gemeenschap met de kerk? Mogen alleen zij de communie ontvangen? Degenen die misschien tot hun eigen verwondering zien dat hun huwelijk stand gehouden heeft of dat hun gezin niet uiteengevallen is? Of die tevreden zijn met hun alleen zijn?
Het zijn geen vragen van hen die het huwelijk geringschatten of het gezin niet zien zitten. Het zijn vragen van degenen die zien hoe de geloofwaardigheid van de blijde boodschap op het spel staat.
Hoe kan de kerk de communie als voedsel voor eeuwig leven aanprijzen en tegelijk haar aan een steeds groter wordende groep oprecht gelovige mensen  onthouden.

Mensen kunnen zich vergissen en fouten maken. Of mensen kunnen tot hun eigen verbazing ontdekken dat zij anders zijn dan anderen. Mensen zijn misschien niet in staat in de huidige wereld de kerkelijke voorschriften precies te volgen. Moet de kerk juist niet naar hen toe laten zien dat God barmhartig is. Hebben zij niet een extra arm om hen heen nodig?

Dat is het dilemma. De kerk mag het huwelijk en het gezin op geen enkele manier van zijn waarde beroven. Aan de andere kant mag ze geen welwillende oprecht gelovige mensen in de kou laten staan. Het voelt als een spagaat. Maar de heilige Geest vindt altijd wegen om in beweging te komen en verder te gaan. Dat is in de geschiedenis van de kerk vaker gebeurd.

Wat betekent voor ons in onze tijd de opdracht aan de kerk en aan ons allen om op de kruispunten gaan staan en uitroepen dat het feest van God voor alle mensen is die geloven dat Gods vergeving en barmhartigheid en liefde het laatste woord heeft?
De kerk, dat is de leiding van de paus en de bisschoppen. Veranderingen op wereldniveau gaan soms erg langzaam.
Maar de kerk dat zijn we ook zelf. Laten we in elk geval zelf als christenen hart hebben voor anderen. Laten we een luisterend oor bieden aan mensen die anders zijn dan wij. De Heer wil een feestmaal aanrichten en nodigt iedereen uit. Hij nodigt ons uit om deel te nemen aan het feest, zijn feest, zijn feest van barmhartigheid en liefde. Want Gods liefde heeft het laatste woord. Amen

(c) Pastoor Martin Los

Één reactie op “Homilie op de 28ste zondag door het jaar Mariakerk De Meern 12 oktober 2014

  1. Uit het hart gegrepen deze homilie. Zoals je zegt “het voelt als een spagaat”, maar dat is het niet. Vertrekpunt is en blijft Gods liefde voor mensen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.