Zelfvoldaanheid geeft genade geen kans

Preek op de 30ste zondag door het jaar in de Mariakerk en Willibrordkerk in het weekend van 26 en 27 oktober 2019

‘God, wees mij zondaar genadig’ roept de tollenaar in een uithoek van het tempelplein 1).
Lieve zusters en broeders,  in een mooi en troostvol lied zingt Barbara Streisand: ‘There are no mistakes, just lessons to be learned’. Er zijn geen fouten, alleen lessen om te leren. En ze vervolgt: Hoe vaak je ook struikelt of valt de grootste les is om jezélf lief te hebben door alles heen.
Met haar prachtige stem spoort de zangeres ons aan om niet bij de pakken neer te gaan zitten. Leer van je fouten die eigenlijk geen fouten zijn, maar lessen! Maak een nieuwe start. De belangrijkste les door alles heen is: leer je zelf lief te hebben ondanks alle mogelijke tekortkomingen.
Dit lied past naadloos bij de moderne middel-class filosofie dat het leven maakbaar is. Kwestie van je huiswerk doen, goed opletten en alles komt goed. Dan ontdek je dat jij de moeite waard bent, en dat je van jezelf leert houden.
Iemand vertelde mij dat zij veel aan dit lied gehad had in een moeilijke periode. Dat begreep ik heel goed. Zo zullen er zonder twijfel velen zijn. We kunnen er dan ook alleen maar respect voor de tekst van dit lied hebben.
Maar dat betekent niet dat we er geen vragen bij mogen stellen. Ieder mens kent wel situaties waarvan je wéét dat het niet goed is wat je doet, en dat je toch geen weerstand kunt bieden. Denk aan de vele vormen van verslaving. Dat het leven een les is, akkoord, maar soms komen we geen steek verder. We zien alleen onvoldoendes. Hoe verder? Waar vinden we dan troost en zekerheid dat we de moeite van de liefde waard zijn? Welke kracht die groter is dan ons onvermogen, haalt ons uit het slob?
Belangrijker nog is de vraag: als de belangrijkste les is dat we onszelf moeten leren liefhebben, moet je dan niet eerst weten wat liefde is? Veel mensen kampen er mee dat ze nooit echte liefde gevoeld hebben. Van de kant van hun ouders die zich uitgesloofd hebben voor hun kinderen, maar nooit een arm om hun schouder hebben geslagen en geknuffeld. Of van de kant van klasgenoten of collega’s. Ik heb het dan niet eens over verwijtbaar gedrag, maar over ons onvermogen de mensen die ons het naast staan onze waardering te laten blijken. Het lijkt een soort sprakeloosheid. Iedereen heeft behoefte af en toe een arm om de schouder te voelen. In woord en daad.
Kunnen we onszelf liefhebben zonder ooit zelf liefde gevoeld te hebben? Of lopen we dan misschien het risico dat we onszelf gaan liefhebben in de vorm van eigenliefde: “als niemand van mij houd, dan zal ik dat zelf wel doen”. Dat we onszelf oppoetsen zoals de Farizeer in de gelijkenis van Jezus: “God, ik denk u dat ik niet ben als de rest van de  mensen, rovers, onrechtvaardigen, echtbrekers of ook als die tollenaar daar”.
Eigenliefde is zelfgenoegzaamheid. ‘Ikkigheid” noemt de bekende Vlaamse psychiater Dirk de Wachter onze moderne op onszelf gerichtheid. “ikkigheid’ is ook een soort selfie waarin we vinden dat we het in verhouding met anderen nog niet zo slecht doen. Die eigenliefde is zeker niet wat Barbara Streisand bedoelt met haar lied dat de belangrijkste les door alle levenslessen heen is dat we onszelf leren liefhebben. Maar we zien die eigenliefde meer dan ons lief is als surrogaat voor echt gevoel van liefde.
Hoe kon de tollenaar echt van zichzelf gaan houden? Geen levensles hielp hem verder. Hij vond dat hij alle recht verspeeld had, zelfs om te bidden. Hij stond met gebogen hoofd in een uithoekje van het templein. Helemaal  achteraan. Met een hart dat aan gruzelementen lag: “God, wees mij zondaar genadig!
“Deze ging gerechtvaardigd heen” zei Jezus. Dat wil zeggen: Vrijgesproken, niet langer in de ban van schaamte over zichzelf. De boeien van een zondig leven losgemaakt. Door de liefde van God.
Het is de unieke en mooie taak van de kerk om aan de mensen Gods liefde te verkondigen. We hebben de liefde van God nodig om onszelf te leren kennen als voorwerp van zijn liefde. Dan kunnen we onszelf liefhebben zonder te vervallen in eigenliefde en zelfgenoegzaamheid. Want God heeft niet de mensen lief die het met zichzelf getroffen hebben en geen vergeving nodig hebben. Zelfvoldaanheid is leeg. Er is geen plek voor de ander en voor de genade van God.
Laten we ons niet beter achten dan anderen, juist als gelovigen niet. De opdracht van de kerk en van ons als christenen is niet te zeggen: kijk eens hoe goed wij zijn. Onze taak is om te zeggen: kijk eens, hoe goed en genadig God is. Laat het ons genoeg zijn dat God van ons houdt met onze tekortkomingen en misstappen. Laten we dat zelf ook in praktijk brengen door niet neer te zien op anderen. Laten we die ander die treurt om zijn of haar gebreken als mens zien die God lief heeft, en laten we die ander ook hartelijk onze liefde schenken door de ander te behandelen als een echt mens.
“Wie anderen bijstaat, wordt welwillend ontvangen” zegt de 1e lezing (wie anderen bijstaat is hartelijk welkom bij God) en zijn gebed reikt tot de wolken” (hij vindt gehoor bij God) 2). Laten we ook ontzettend blíj zijn met de kerk als huis van God. Een plaats waar we God geen selfie tonen, maar ons hart, ook al is het verbrijzeld door spijt en schaamte.  Hij heelt de stukken aan elkaar. Koesteren we ook het sacrament van verzoening. Achter het masker van geslaagdheid is er schreeuwend behoefte aan: “God, wees mij zondaar genadig”. Jezus kijkt niet naar de buitenkant. Voor God telt de binnenkant. Amen

Martin Los
Schriftlezingen voor de 30ste gewone zondag door het jaar volgens het r.k. lectionarium op zondag 27 oktober 2019
1) Evangelie: Lukas 18:9-14
2) 1e lezing: Ecclesiasticus 35:12-18

afbeelding: de Farizeeër en de tollenaar. herkomst niet gevonden


Omzien naar elkaar

Overdenking in de eucharistie in de Mariakerk bij gelegenheid van het 40 jarig jubileum van de KBO Leidsche Rijn 18 oktober 2019

“Houdt veel van elkaar als broeders en zusters en laat iedereen uw waardering blijken”
Geachte leden van de KBO, genodigden en gasten, lieve zusters en broeders, we hebben als christenen de opdracht om lief te hebben. Niet alleen elkaar, maar alle medemensen. De apostel Paulus geeft allerlei voorbeelden van liefdevol gedrag naar anderen: ‘doe niet alsof je de wijsheid in pacht hebt’ bijvoorbeeld. Daarmee krenk je immers andere mensen alsof hun mening en ervaring er niet toe doet. Of: “wees blij met wie blij zijn en wees verdrietig met wie verdrietig zijn”. Met andere woorden: leef met de ander mee in tijden van vreugde en van verdriet. Gun de andere het geluk dat hem of haar overkomt. Laat het voor jou ook een bron van vreugde zijn. En sta ook stil bij de nare dingen die de ander overkomen. Iedereen heeft een arm om zijn schouder nodig.
We proberen die opdracht tot liefde, meeleven en waardering en hulp persoonlijk in praktijk te brengen in het dagelijks leven. Maar wij kunnen die liefde en aandacht ook organiseren, in het bijzonder door deel uit te maken van een vereniging. Zo is de Katholieke Bond van Ouderen in het leven geroepen om aandacht te vragen voor de ouderen in kerk en samenleving. Hoe kun je de mooie kanten van de ouderdom belichten in een cultuur die jong en hip zo’n benadrukt. Hoe kun je de onmisbare bijdrage die ouderen aan de samenleving leveren voor het voetlicht brengen? Samen sta je op dat punt sterker, zoals de KBO samen met andere bonden heeft laten zien. Je steekt als ouderen elkaar daardoor ook een hart onder de riem. Je stimuleert elkaar om niet bij de  pakken van de beproevingen van de ouderdom neer te blijven zitten. Je wjjst elkaar wegen om er altijd iets van te maken. Als gelovige en katholieke ouderen probeer je ook inspiratie te putten uit het Evangelie, uit de traditie van de kerk en het voorbeeld van de heiligen die ons zijn voorgegaan.
Juist als christenen mogen we de ouderdom beleven, niet als een betreurenswaardige neergang die uitloopt op het niets, maar als opgang naar het rijk van God. Naar de voltooiing van ons leven in de liefde van God voorbij de horizon van de dood. Dat geeft moed en kracht. Houdt ons innerlijk jong.
En vereniging als de KBO is ook een uitstekend middel om de liefde voor elkaar als ouderen in praktijk te brengen: om aandacht te hebben voor de ander, blij te zijn met de blijven en te wenen met de bedroefden.
Als pastoor van de parochie die het hele gebied van de KBO Leidsche Rijn omvat, heb ik  van nabij kunnen waarnemen hoe de KBO een bindmiddel is voor ouderen, om senioren met elkaar in contact bracht. Hoe de leden geinformeerd worden over maatschappelijke veranderen die ouderen raakten, van sociale voorzieningen, veiligheid tot computerles. Daarnaast zijn er de gezelligheid en de uitstapjes. Van de 40 jaar KBO Leidsche Rijn heb ik er hier als pastor 32 jaar meegemaakt. Van een kleine groep ouderen tot de club van meer dan duizend leden die de vereniging nog niet lang geleden telde.
Als parochie zijn we dan ook heel dankbaar voor de inzet van bestuur en leden ten behoeve van de ouderen in de geloofsgemeenschap en anderen die een thuis vonden in de KBO.
“Houdt veel van elkaar als broeders en zusters en laat iedereen uw waardering blijken” zegt Paulus. We vieren vandaag hoe u allen samen als leden in deze geest hebt geleefde en gehandeld hebt, naar elkaar toe en naar de samenleving toe.
Het is fijn dat de KBO altijd open is geweest voor alle senioren die zich wilden aansluiten. Het was beslist geen gesloten club met een hoge drempel.
Die openheid naar anderen, met name naar ouderen die het moeilijk hebben, die aan de zijlijn staan omdat ze het gevoel hebben er  niet toe te doen – die openheid past bij waarachtige liefde.
Onze Heer Jezus houdt het ons voor in zijn oproep om niet alleen of met mensen om te gaan die op hun beurt iets kunnen terug doen: “als je gasten uitnodigt op de maaltijd nodig dan gebrekkigen, kreupelen en blinden uit. Gelukkig zal je zijn omdat ze niets terug kunnen doen, maar het zal u vergolden worden bij de opstanding van de rechtvaardigen”.
Het blijft altijd een uitnodiging, voor ons persoonlijk, maar ook voor een mooie club als de KBO om te blijven kijken hoe we in de toekomst ook mensen kunnen bereiken die over het hoofd worden gezien. Kortom laten we het thema van dit jubileum “Omzien naar elkaar” letterlijk opvatten. Steeds ons afvragen of we mensen of groepen vergeten. Die instelling is nodig om ook in de toekomst zinvol en vruchtbaar bezig te zijn en te vernieuwen. Tot zegen van elkaar en in het bijzonder van de ouderen in kerk en samenleving.
Met de woorden van Paulus: “laat uw ijver niet verslappen, maar dien de Heer vol enthousiasme. Wees blij want God gaat iets geweldigs met u doen”. Wat voor geweldigs zou dat zijn? Ga maar gewoon aan de slag. Dan zul je het beleven. En je staat er niet alleen voor. Amen

Martin Los, pastoor
schriftlezingen in deze eucharistie:
1e lezing: Brief aan de Romeinen 12:9-19
Evangelie: Lukas 14:12-14