Homilie 8e gewone zondag door het jaar 1 en 2 maart 2014 H. Willibrordkerk

Preek op de 8e gewone zondag door het jaar in de H. Willibrordkerk Vleuten op zaterdag 1 en zondag 2 maart 2014
voorgeschreven schriftlezingen voor deze zondag volgens het universele lezingenrooster van de r.k. kerk: 1e lezing: Jesaja 49:14-15 Evangelielezing: Mattheus 6:24-34

Lieve zusters en broeders, “Kijk naar de vogels in de lucht. Ze zaaien niet en maaien niet. Ze verzamelen niet in schuren. Uw hemelse Vader voedt ze”. Deze oproep van Jezus in het Evangelie van deze zondag past goed bij het voorjaar dat op het punt staat te beginnen. We richten de blik weer wat meer op de wereld buitenshuis, de natuur.

Kijk naar de lelies in het veld. Ze arbeiden en spinnen niet. Maar zelfs koning Salomo was niet gekleed als één van hen”. Deze les van Jezus past ook goed bij het voorjaar. Maar ook bij carnaval. Overal dossen mensen zich dit weekend uit om er even anders uit te zien dan anders. Fleurig. Zorgeloos. “Maak u geen zorgen voor de dag van morgen”  lijkt de uitgelaten menigte te zeggen gehoorzaam aan de woorden van Jezus.

Zelf gaan we allemaal een beetje open in dit voorjaar en met carnaval. Het wordt elke dag lichter en een beetje warmer. We gaan open als de narcissen in de tuin. En net als de bloemen die opengaan en zich naar de zon wenden, mogen wij opengaan om te bloeien en goede vruchten voort te brengen.

Eigenlijk hebben wij mensen niet zoveel nodig om te kunnen leven en gelukkig te zijn. We zijn in staat veel meer te geven dan dat we zelf nodig hebben.
Daarin ligt eigenlijk het wezen van ons menszijn.
In het scheppingsverhaal wordt verteld dat God de mens gemaakt heeft naar zijn beeld. Jezus past dat telkens toe op God die liefde is, die over goeden én slechten de zon laat opgaan. Dat is de heerlijkheid van God die royaal kan geven aan al wat leeft.
We zijn naar Gods beeld geschapen om ook ons hart vol liefde te openen en onze naaste te helpen. Niet door alles naar ons zelf toe te trekken lijken we op God, maar door alles voor anderen over te hebben. Dat is de boodschap van Jezus.

We mogen zelfs op God lijken door het leven te schenken aan kinderen en hen met liefde te omringen.
“Kan een vrouw haar zuigeling vergeten? Dus Ik al helemaal niet!” zegt God bij monde van Jesaja.
Als mens zijn we helemaal gericht op geven. Op liefde geven.. Want als persoon staan we helemaal open voor de ander die we gastvrij en hartelijk mogen ontvangen in onze eigen wereld.
In dit voorjaar en deze carnavalstijd voelen we ook  bijna fysiek dat we open willen gaan en vruchtbaar zijn in liefde voor de ander. We ervaren de tinteling en het genot daarvan. De lente noemen we dat. Zo heeft God ons gemaakt naar zijn beeld.

Maarrr….die openheid maakt ons tegelijk ook kwetsbaar. Dat vinden we eng. Daarom willen  we ons indekken tegen elke vorm van tekort en verlies. We verzekeren ons. We beveiligen ons. We leggen voorraden aan. We verzamelen bezittingen. Allemaal om niets te kort te komen.
Heel begrijpelijk maar als je je helemaal indekt door je bezit, kun je niet meer openstaan, blij zijn en je verwonderen. En als je zelf bang bent om te kort te komen, heb je geen oog meer voor de ander die minder heeft dan jij. Je bent dan zelfs geneigd om te denken dat die ander zelf de schuld is van zijn armoede of zijn gebrek.

Dat vertrouwen in je bezit noemt Jezus “mammon”. Mammon klinkt een beetje als Amen. Dat klopt ook. Want Amen is een Hebreeuws woord dat “vertrouwen”betekent. Wanneer we een gebed afsluiten met Amen wil dat zeggen dat we “erop vertrouwen”. Mammon is een opzettelijke verdraaiing van het woordje Amen.
Want Mammon is iets waarop je vertrouwt, maar dat vertrouwen eigenlijk niet waard is. Je houdt je zelf voor de gek door te denken dat je veilig bent als mens door je bezit. Nee, door op je bezit te vertrouwen en daar je hoop op te vestigen, mis je juist de vreugde waar het in het mensleven omgaat. De openheid naar het leven, het vertrouwen op God.

“je kunt niet twee heren dienen” zegt Jezus. Je kunt niet je vertrouwen schenken aan God tegen wie we terecht Amen zeggen en tegelijk op je bezit vertrouwen, want dat wordt dan je afgod, de Mammon. “je zult dan de één liefhebben en de ander haten”.

Vertrouwen op God, openstaan voor God wil zeggen openstaan voor het leven, voor de medemens, voor de wonderen om je heen.
Allerlei aardse zekerheden omarmen wil zeggen je afsluiten voor het leven, voor je medemens, voor God, maar ook voor de mens die jezelf in wezen bent, beeld van God.

Het is voor ons een hele leerschool om het te wagen met deze les. Wanneer we kwetsbaar en open zijn, zoals in de liefde, dan lijken we het meest op God.
Want in onze ogen is God onkwetsbaar. In onze ogen bezit God alles en is Hij almachtig. Maar pas op, want dan lopen we gevaar van God zelf een afgod te maken.
Ja, God is almachtig, maar in zijn kwetsbaarheid. En Hij bezit alles door alles te geven.
En Hij heeft het laatste woord omdat hij vergeving schenkt en geen zonden blijft gedenken.

Maar om met zo’n God die louter liefde is, het aan te durven, moeten we Jezus Christus in onze wereld en in ons leven binnenlaten.
Hij is het volmaakte beeld van God. Zijn kruis is de poort naar Gods heerlijkheid. Zijn liefde en kwetsbaarheid leidt tot wat voor ons ondenkbaar is: de verrijzenis en het eeuwige leven.
Jezus daagt ons uit om ook in ons geloof in God open te zijn. Om te geloven als kinderen. Kinderen van “uw hemelse Vader die weet wat ge nodigt hebt”.

Het voorjaar met zijn natuur die ontluikt, onderstreept de les van Jezus. En de spontane vrolijkheid en verkleedpartijen van Carnaval wekken het kind weer in ons dat zich verwondert.
Laten we dit allemaal in ons opnemen. We hebben het hard nodig om de Mammon een beetje de baas te blijven in ons eigen leven en in de wereld om ons heen. Want Jezus waarschuwt ons: het is of Mammon of Amen. Ons antwoordt moge ook nu weer zijn: Amen

(c) Pastoor Martin Los

Eén gedachte over “Homilie 8e gewone zondag door het jaar 1 en 2 maart 2014 H. Willibrordkerk

  1. Een homilie, welke je zeker in de huidige “crisistijd” stof tot nadenken geeft . Daarnaast de richting, waarin de mensen zich zouden moeten bewegen om weer vertrouwen te krijgen in elkaar. Ik wil hierbij speciaal stilstaan bij de situatie in de Oekraïne, waarin het vertrouwen in elkaar (Russen en Oekraïners) ver te zoeken is. Hierbij past, zoals Martin ook aangeeft, het woord Amen.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.