Preek op het Hoogfeest van de Hemelvaart van de Heer op donderdag 5 mei 2016 in de Mariakerk te De Meern

Voorgeschreven Schriftlezingen in het universele lectionarium voor zon- en feestdagen van de r.k. kerk: 1e lezing Handelingen der apostelen 1:1-11; 2e lezing Efeziërs 1:17-23; Evangelie: Lucas 24:46-53

Lieve zusters en broeders, wij, mensen, kunnen niet op twee plaatsen tegelijk zijn. Eigenlijk is dat maar goed ook. We hebben onze handen al vol aan dat éne leven dat we gekregen hebben. Om zorg te dragen voor wat ons is toevertrouwd, om te genieten van wat ons omringt, en om in het reine te komen met waarin we tekortschieten. Een zekere bescheidenheid siert ieder mens.
We kunnen wel terugdenken aan plaatsen waar we geweest zijn, waar we sporen hebben achter gelaten, waar we de herinneringen van in ons hart dragen. En we kunnen ons een beeld vormen van plaatsen waar we nog zullen komen, waar we tegenop zien of op hopen. Daarom lijkt ons leven op een weg waarop we de wandelaar zijn met hoogtepunten en dieptepunten.
Dat leven heeft Jezus gedeeld met ons. Hij was een echt mens die niet op twee plaatsen tegelijk kon zijn. Tegelijk was hij wel altijd dezelfde.
Wíj hadden soms anders willen zijn of we beseffen dat we zelfs anders hadden moeten zijn gedurende ons leven waar we verkeerde keuzes maakten. Maar Jezus was tijdens zijn leven op aarde altijd dezelfde, die ene die altijd één was met zichzelf en één met zijn hemelse Vader door wie hij zich gezonden wist.
De Kerk belijdt dit met uitspraak dat Jezus waarachtig God en waarachtig mens is. Waarachtig mens want hij kon, naast alle andere menselijke behoeften en eigenschappen, maar op één plaats tegelijk zijn.
Waarachtig God, want hij was in éénheid met zijn hemelse Vader in zijn doen en laten, in zijn hele wezen.
Bij de hemelvaart van onze Heer wordt dit als het ware omgekeerd. Tijdens zijn leven op aarde vanaf de moederschoot van Maria ging Jezus’ goddelijkheid verhuld in zijn menselijkheid doordat hij maar op een plaats tegelijk kon zijn door zijn ene lichaam, in die ene tijd. Nu, door zijn hemelvaart, wordt Jezus’ menselijkheid in zijn verheerlijkt lichaam opgenomen in God en is hij overal tegenwoordig.
Dat ik deze dingen zeg, betekent niet dat ik deze dingen beter begrijp dan u die misschien zelfs even met uw hoofd schudt. Het gaat hier om een mysterie dat we stamelend onder woorden brengen. Het mysterie van het geloof dat Jezus nu overal en altijd bij ons is.
Hij is nog steeds dezelfde als toen hij met zijn leerlingen rondtrok. Maar nu niet meer plaatsgebonden en tijdgebonden. Het lijkt alsof Jezus door zijn hemelvaart afscheid neemt, maar het tegendeel is het geval. Hij is nu op een nieuwe manier bij hen, en niet alleen bij zijn apostelen, maar bij heel zijn kerk, en beschikbaar voor de hele mensheid, werkzaam in de hele mensheid.
Het lijkt alsof de Heer van af zijn hemelvaart afwezig is, maar hij is juist aanwezig op een manier die zonder zijn lijden en sterven en verrijzenis onmogelijk was geweest. Het is dit grote geheim dat we met Hemelvaartsdag vieren: door zijn afwezigheid is Jezus altijd aanwezig. En altijd als die ene en dezelfde.
hemelvaart2016
Die schijnbare afwezigheid heeft wel een bijzondere bedoeling. Daarom legt de Heer voordat de wolk hem overdekt, zijn handen op de apostelen en zegent hen. Hij zendt hen de wereld in, zoals de Vader hem gezonden heeft.
Als gelovigen mogen wij Jezus nu vertegenwoordigen door onze eenheid met hem. We mogen zijn boodschap nu verkondigen. We mogen nu in zijn naam de heilzame daden verrichten die hij deed. We mogen nu als kerk mensen met God in aanraking brengen zoals Jezus deed.
Diezelfde vreugde die Jezus beleefde doordat hij mensen mocht vervullen van Gods liefde, mogen wij nu beleven. Datzelfde geluk dat Jezus voelde toen hij mensen mocht vertellen dat ze kinderen van God waren, mogen wij nu voelen telkens als wij mensen omarmen in Gods naam.
Ons aardse doen en laten wordt doortrokken van de goddelijke tegenwoordigheid van Jezus. Het kleinste gebaar van liefde en vriendelijkheid van ons wordt tot een aanraking met God.
We mogen dat op een heel bijzondere wijze vieren en beleven in de eucharistie waarin Jezus zichzelf tastbaar aan ons schenkt in brood en wijn. In de eucharistie m mogen we in geloof zijn tegenwoordigheid ervaren en vereren.
De hemelvaart van Jezus verzoent ons met onze menselijkheid. Want wij voelen ons tekortschieten, onze onmacht, onze sterfelijkheid.
Nee, wij kunnen niet op twee plaatsen tegelijk zijn. We hoeven ook niet op twee plaatsen tegelijk te zijn. Maar hier op aarde mogen we ons al burgers van de hemel voelen. God maakt alles goed door Jezus Christus, onze Heer! Amen

Pastoor Martin Los

Woord vooraf aan het herdenkingsconcert op 4 mei 2016 in de Willibrordkerk

herdenkingsconcert 4 mei 2016 Vleuten Willibrordkerk

Ensemble De Jong& De Jong. Euwe en Sybolt de Jong, harmoniums, Elsbeth de Jong, viool, Tess Oostwouder.sopraan, Rienk de Jong, countertenor, Jeljer te Wies, tenor, Allard Veltman, bariton

Aan de vooravond van Bevrijdingsdag gedenken we de slachtoffers uit de tweede wereldoorlog die gevallen zijn bij het verzet tegen de Duitse inval en overheersing, en als gevolg van terreur en racisme. En ook degenen die later omgekomen zijn in oorlogssituaties en internationale vredesmissies.
Ons hele land bereidt zich voor op twee minuten stilte uit respect voor de doden en voor de nabestaanden. Wij bereiden ons hier in dit uur voor op die kostbare stilte, door gedichten, verhalen, gebeden en liederen. Die proberen te verbeelden wat mensen bezielt om hun leven te geven voor de vrijheid van anderen, of wat voor gevoelens door ons heen als we denken aan de talloze gedeporteerde en vermoordde landgenoten. Onmacht, schuld, boosheid, schaamte, maar ook verlangen naar een nieuw begin, verzoening, kracht en hoop.
Wat we gaan horen aan zang en verhalen en gedichten houdt ons een spiegel voor waarin we ons misschien herkennen, en waardoor we ons gekend voelen, zodat we straks ook echt stil kunnen zijn om onze doden te gedenken.
Zij gaven hun leven voor de vrijheid, onze vrijheid, of zij leden en stierven onder de extreme onvrijheid, willekeur en onmenselijkheid van de bezetters.
De vraag waar we in deze tijd niet om heen kunnen is die vraag of we anderen en elkaar die vrijheid gunnen. Is vrijheid een soort bezit dat we moeten verdedigen als Nederlanders en Europeanen tegen anderen die als vluchtelingen naar diezelfde vrijheid snakken?
En hoe gaan we om met die vrijheid als burgers onderling? De vrijheid die we voor ons zelf en onze eigen bevolkingsgroep opeisen, gunnen we die ook aan anderen die van ons verschillen?
Beseffen we eigenlijk wel waar we over spreken als we spreken over vrijheid, onze vrijheid?
We zijn het aan de mensen van het verzet en aan de talloze slachtoffers van terreur en racisme verplicht om opnieuw de vraag te stellen: over welke vrijheid hebben we het in ons land vandaag?
Toch geen vrijheid waar anderen slachtoffer van worden? Toch geen vrijheid die anderen onvrij en monddood maakt?
Deze gedachtenisviering bereidt ons voor op de twee minuten stilte, kostbare stilte. Maar het doet er ook toe wat uit die stilte opklinkt. Horen we de vraag, de schreeuw, van hen aan wie de vrijheid in deze tijd niet wordt gegund.
Echte stilte leidt tot luisteren. Het woord is aan de stilte.

Martin Los, pr