Anderen heeft hij gered, maar zichzelf redden…..

Montana Smith Henderson Ned. Vertaling Dirk-Jan Arensman Meulenhoff 2017. Oorspronkelijke titel The Fourth of July Creek 2014

Een maatschappelijk werker in de tachtiger jaren in de ruige onherbergzame Amerikaanse staat Montana zet zich met huid en haar in voor gebroken gezinnen en jongeren die opgegroeid zijn in huiselijk geweld en verwaarlozing. De prachtige maar grimmige natuur en het weerbarstige landschap van Montana lijken de harde werkelijkheid van veel bewoners te weerspiegelen in hun karakters en lotgevallen. Deze maatschappelijk werker, Pete, maakt zelf ook deel uit van een ontwricht gezin. Zijn vrouw en hij zijn ieder zo op zichzelf gericht geweest dat hun relatie stuk gelopen is. Hun dochter neemt als tiener de benen, onvindbaar voor haar ouders. Ze raakt als minderjarige in de ban van wat we tegenwoordig (ten onrechte) een loverboy noemen.
Als professonial gaat Pete heel ver om jongeren enige bescherming te bieden. Nu alle maatschappelijk werk en jeugdzorg aan strenge protocollen onderworpen zijn komt zijn houding als heel onprofessioneel over, maar dat geldt misschien wel van pioniers op alle gebieden. Bovendien waren er nog geen personal computers, elektronische patiëntendossiers, en IPhones. Het gaat er soms stevig aan toe. Maar hij kent zijn beperkingen en onmacht. Als vader die wanhopig op zoek is naar zijn dochter voelt hij echter persoonlijk de pijn en het berouw diep in zichzelf. De geneesheer die anderen zo goed en zo kwaad helpt, zelfs meer dan van hem verwacht mag worden, kan zichzelf en zijn gezin niet helpen.
Die innerlijke onrust over zijn dochter, die hem nooit los laat, is doorheen de roman steeds voelbaar in Q&A fragmenten waarin in de vorm van vraag en antwoord met een interviewer de dochter aan het woord komt.
In de meeste gevallen krijgt Pete zijn pupillen aangewezen door de rechter in het district, maar hij heeft zelf ook oog voor jongeren waar iets mee is. Zo gaat hij uit eigen beweging achter een jongen aan die met zijn vader, Pearl, op ontoegankelijke plekken in de bergen blijkt te leven. Deze vader is in de ban van een apocalyptische visie waardoor hij overtuigd is dat de wereld zal vergaan door satanische machten, maar hijzelf zal gered worden. Het is in de tijd dat president Reagan wordt neergeschoten. Complottheorieën alom.
Als de FBI deze Pearl en zijn zoon op het spoor komt en helikopters inzet om hem te vinden bevestigt dit voor de man en zijn zoon dat boze machten het op hen gemunt hebben. Pete blijft in Pearls ogen als vertegenwoordiger van de overheid verdacht ondanks dat hij hen probeert te helpen tegen honger en kou. Door zijn contacten met de gezochte Pearl begint de FBI Pete ook te wantrouwen. Gaandeweg komt Peter erachter wat in het gezin van Pearl is gebeurd waarin waan en werkelijkheid soms nauwelijks van elkaar te onderscheiden waren, en hoe het komt dat de moeder en de kinderen spoorloos zijn. Er heeft zich een groot familie drama afgespeeld.
De rauwe werkelijkheid van ontwrichte gezinnen, de weinig verfijnde omgang van de bewoners in dat deel van Amerika, de ontvankelijkheid voor allerlei sekten en einde der tijdenbewegingen, maken dat je als lezer de ruwheid van de mensen, hun lotgevallen en landschap haast lijfelijk voelt. Het schuurt en schrijnt door alle 37 hoofdstukken en 452 bladzijden.
Montana is het debuut van Smith Henderson, die tot de publicatie van deze roman op een Reclamebureau werkte als adman. Hij heeft er tien jaar aan gewerkt.
Het boek eindigt tamelijk diffuus. Alsof je wakker wordt na een nachtmerrie die door je hoofd blijft spoken. Voor zover de roman iets van een detective heeft, is er een ontknoping. Maar Montana is veel meer dan een Whodunnit. Er is voor de lezer geen verlossing, behalve een appel tot mededogen. Want het boek is uit, maar de werkelijkheid gaat door van jongeren die opgroeien in een harde wereld van geweld en verwaarlozing.
In elk geval nodigt Montana uit om niet te snel te oordelen maar ook menselijkheid en liefde waar te nemen waar de ellende het tegendeel lijkt te bewijzen. Wend je gelaat niet af, lijkt mij de oproep van deze roman. Ook Montana is deel van onze menselijke werkelijkheid. Pas toen Sint Franciscus de melaatse omarmde omdat hij in die misvormde Christus zag, kwam er een diepe vrede over hem.

(c) Martin Los

Silence van Martin Scorsese. Deconstructie van martelaarschap.

Mijn begin van de Veertigdagentijd
Op Vastelaovend voelde ik opeens aandrang om Silence te gaan zien. Deze film van Martin Sorsese draaide in Cinemec Utrecht, het indrukwekkende filmtheater in mijn eigen parochie. Het aanvangstijdstip, 21.20uur, deed me nog even aarzelen. Zeker omdat ik uit de pers begrepen had dat je een sterke maag moest hebben om de beelden van de martelingen die veelvuldig in de film voorkomen, te zien. Kun je daarna de slaap nog vatten? Had ik vooraf geweten dat de hele voorstelling drie uur zou duren, dan was ik vermoedelijk teruggeschrokken. Want ik zou de volgende dag al vroeg in de eerste As-woensdagviering met oplegging van het Askruisje moeten voorgaan. Ik ben blij dat ik me niet heb laten weerhouden te film te gaan zien. Want het verhaal gaat over priesters die in hun geloof zwaar beproefd worden. Ze lijden onder de zwijgzaamheid van God – vandaar de titel Silence – en worstelen met hun eigen overtuiging en gevoelens. Het leek voor mij, zelf priester, maar niet bijzonder beproefd, een nuttige bezinning aan het begin van de Vastentijd, een soort Askruisje voor het eigenlijke gebaar in de kerk de volgende morgen.

Beproeving en verzoeking
Komen beproevingen die je als mens, als christen, als priester ondergaat van God ómdat jij het ervaart als beproeving? Of kan een beproeving je ook op een dwaalspoor leiden? Een verzoeking kan als karikatuur van een beproeving je verleiden om de held te spelen in een drama van goed en kwaad waar niet jijzelf maar anderen het slachtoffer van zijn. De hoofdfiguur, padre Rodrigues, komt uiteindelijk voor de vraag te staan of verloochening van zijn God, Jezus Christus, echt geloofsafval is of juist navolging van zijn Heer, omdat hij daarmee de levens van anderen niet in de waagschaal stelt maar redt.

Protectionisme
Het verhaal, gebaseerd op de roman van de Japanse schrijver Shusaku Endo uit 1966, speelt in het 18e eeuws Japan waarin een regime en een klimaat heersten van ultieme protectie. Geen vreemdeling mag het land in. De handel vindt plaats op een kunstmatig, waaiervormig eilandje van nog geen anderhalve hectare in de haven van Nagasaki in Japan, Dejima, waar alleen de Hollandse kooplieden toegang hadden. Alle vreemde invloeden sluit Japan buiten. Het was Japan first and only. De identiteit wordt bewaakt door de overheid in de vorm van Inquisitie. Het christendom en katholicisme zijn verboden. Het Boeddhisme is de staatsgodsdienst. Gezien de roep in onze dagen om een sterke nationale identiteit die van overheidswege bewaakt zou moeten worden, en muren om landen heen, een soort deja vu. Vergeet niet dat nog niet zolang geleden de hoofdtaak van een staat was naast bescherming van de bevolking en recht op belastingheffing, bewaken van de leer c.q. de waarheid. Godsdienstvrijheid was dus ondenkbaar. Ook in Nederland was er voor de grondwetswijziging uit 1853 een ministerie van godsdienst dat uitmaakte welke kerk het monopolie op eredienst had en waar deze zich aan diende te houden.

Zwijgzame God
Voordat Japan overging tot de rigoureuze staatsinstelling waar het verhaal over gaat, was er een liberalere periode. In die tijd hadden missionarissen het katholieke geloof verspreid in bepaalde delen van Japan. Deze konden hun geloof alleen in het geheim uitoefenen toen alle niet inheemse godsdiensten verboden waren. Ze hadden geen priesters meer. Ze waren als schapen zonder herders. De twee priesters die zichzelf het land binnensmokkelen om een leermeester op te sporen, treffen deze ontheemde katholieke boeren aan. De film laat zien hoe deze eenvoudige mensen, met een soms rudimentair geloof, te lijden hebben onder de standvastigheid in overtuiging van padre Rodrigues. Hij lijdt intellectueel en emotioneel onder de martelingen die zijn geloofsgenoten ondergaan van de kant van de Japanse inquisitie, maar ervaart dit toch vooral als in de steek gelaten worden door God, de Silence. Maar lag dat niet aan zijn eigen hoogmoed?
Doordat in ons land de kerk sterk aan betekenis heeft ingeboet en God gemarginaliseerd lijkt gedwongen geloofsafval iets van lang geleden. Maar in veel landen in de wereld speelt vervolging vanwege godsdienst nog steeds een rol vooral waar nationalisme de kop opsteekt en de roep om bevestiging van de eigen identiteit.

Continuiteit of discontinuiteit
De film nodigde mij terug te blikken op beslissingen in mijn eigen leven. Ik ben ooit als predikant overgegaan naar de Rooms-katholieke kerk. Dat haalde wel de krant in dit tijd en de t.v. maar geschiedde gelukkig in vrede. Er was godsvrijheid en dat betekent keuzevrijheid. Maar het riep ook existentiële vragen bij mij op: wat betekent die stap voor anderen? Ik wilde niet de indruk wekken ik mijn protestantse geloof waaraan ik veel te danken had, bij de kliko zette. Het was juist datgene wat ik meenam in een voor mijn gevoel grote ruimte zonder dat ik iets fundamenteels moest achterlaten of afzweren. Maar ik kan me indenken dat anderen daar anders tegenaan keken. Waar ik continuiteit zag en beleefde voelden anderen discontinuiteit.

Deconstructie
Na het zien van Silence ben ik me nog meer bewust hoe kostbaar godsdienstvrijheid is. Verder dat martelaarschap geen heldendom van een persoon, maar navolging van Christus die gekomen is om te dienen en niet om gediend te worden. Wellicht kan dan martelaarschap zelfs betekenen verloochenen van wat je lief is, Christus, omwille van het heil van anderen. Martelaar als antiheld. Zo is Silence in zekere zin een deconstructie van martelaarschap, niet om het te ontkennen, maar om te ontdoen van alle romantiek en karikaturen.

Actueel
Waartoe nadruk op zogenaamde nationale identiteit in de politiek en canonisering van gedachtengoed toe kan leiden: inquisitie door de overheid met alle mogelijke gevolgen van dien. Scorsese laat je huiveren.

(c) Martin Los