twijfelaars welkom

Homilie op het Hoogfeest van de hemelvaart van de Heer  21 mei 2020 Mariakerk

“Zie, Ik ben met u, alle dagen, tot aan de voleinding der wereld” 3)
Lieve zusters en broeders, dit zijn de laatste woorden van Jezus volgens het Evangelie naar Matteus.
De leerlingen zijn niet meer in Jeruzalem. Ze zijn in opdracht van de Heer teruggegaan naar Galilea. Dáár heeft hij hen geroepen om hem te volgen. Dáár heeft hij hen ingewijd in zijn leer. Dat alles herinneren zij zich. Nu verschijnt Jezus hen daar nog eenmaal op de berg om hen zijn zegen te schenken en de wereld in te zenden die voor hen openligt als een akker die braak ligt om te zaaien.
“Sommigen van hen twijfelden” zegt Matteus die er zelf bij was als leerling van Jezus. Hij vertelt dat niet om kritiek te leveren op sommigen van zijn mede-apostelen.  Misschien wist hij dat van die twijfel wel zo goed omdat hij zelf bij de twijfelaars behoord. Nee, hij vertelt dit tot troost van ons die misschien ook af en toe twijfel kennen. Wij zijn immers maar mensen. Ook al hebben we ons hart verpand aan Jezus, ook al loven wij God in onze gebeden en in de liturgie, toch hebben we vaak geen antwoord op het leed in de wereld. Dan voelen we ons klein. We staan een beetje in ons hemd met ons geloof en met die grote woorden die we bidden en zingen en waarmee we anderen proberen te troosten.
Deze week zocht een jonge moeder contact met mij. Ze vertelde dat ze in korte tijd een miskraam had gehad en een volgroeide baby verloren. Ik kon alleen maar luisteren en stil zijn. Maar onder tranen vertrouwde ze me toe dat ze vast geloofde dat haar kinderen in de hemel waren, waar geen pijn en verdriet is, in het eeuwige licht. Inwendig dankte ik Jezus dat hij haar zo’n geloof had geschonken, Ik hóefde niets meer te zeggen.
“Sommigen van hen twijfelden”. “Toen trad Jezus zelf op hen toe”. Dat wil Matteus ons duidelijk maken. Onze twijfel is voor Jezus geen probleem. Hij wijst ons er niet om af. Hij wijst ons er niet om terug. Hij komt juist naderbij: “Maak je geen zorgen over je eigen twijfel. Want ‘Mij is gegeven alle macht in de hemel en op de aarde”.
Er zijn geloofsrichtingen die elke vorm van twijfel afwijzen. Zij gaan prat op hun strengheid. Strengheid en zuiverheid zijn hun devies. Dat lijkt aantrekkelijk. Het trekt ook mensen aan. Vooral onzekere mensen en jongeren die nog naar zekerheden zoeken. Maar het keurmerk van het geloof in Christus is de barmhartigheid. Niet strengheid en zuiverheid. Waar geen plaats is voor twijfel kan de waarheid niet uit zichzelf schitteren. God schrikt niet terug voor onze onmacht en twijfel. Jezus treedt naderbij: “Mij is gegeven alle macht in de hemel en op aarde”.
De kerk staat niet voor een onmogelijke opgave. Want zij staat er niet alleen voor. Christus staat achter zijn kerk. ‘Hij is het hoofd. Zij is zijn lichaam’.2) Zijn handen en voeten. Zijn werktuig. Teken van zijn aanwezigheid in deze wereld.
“Gaat heen en maakt alle volkeren tot mijn leerlingen en doopt hen in de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest. En leert hen alles te onderhouden wat ik u heb opgedragen”.
Dat is de prachtige taak van de kerk. De wereld vervullen van hoop. Aan alle mensen Gods oneindige liefde verkondigen. Alle volkeren verenigen in de belijdenis van die ene naam. Meewerken aan gerechtigheid en vrede. Elke generatie staat opnieuw voor die opgave. Ook wij. Van ons worden niet zoals in het bedrijfsleven resultaten verwacht, als het kan ieder jaar meer groei. Het enige wat van ons gevraagd wordt is te geloven en de kerk te ondersteunen met ons geloof, hoe klein soms ook, ons gebed en onze inzet. Zij is teken van Jezus aanwezigheid in deze wereld.
“Mij is gegeven alle macht in de hemel en op de aarde”. De overwinning op zonde en dood is veiliggesteld. Jezus is in de hemel bij God. Vandaar leidt hij zijn kerk, leidt hij ons als mensen die hem liefhebben. “Zie, ik ben met u tot aan de voleinding der wereld” is zijn laatste woord. Zijn woord dat weerklinkt over heel ons leven en heel deze wereld. Niets en niemand kan dat woord teniet doen. Ook geen pandemie zoals we nu beleven. Een tijd waarin gelovigen wereldwijd de samenkomsten in de kerk moeten missen. Een tijd waarin tallozen de communie moeten missen, de tastbare gemeenschap met Christus en zijn kerk.
Maar Jezus zegt niet alleen: “Ik ben met u”. Hij zegt nadrukkelijk  “Zie, Ik ben met u”. Hij is niet alleen bij ons. Hij wil ook dat we ons daar elk moment en onder welke omstandigheid van bewust zijn. Zowel als het goed gaat, dat we dat dan niet aan onze eigen kracht en inzet toeschrijven. Want daar zijn we goed in. Als iets niet goed gaat, ligt dat aan anderen, maar als iets goed gaat, wijzen we openlijk of inwendig naar ons zelf. Nee: “Zie ik ben met u”. Ook als de kerk het moeilijk heeft, en als we het zelf moeilijk hebben en twijfelen, dan niet de moed en de hoop opgeven. Dan moeten we des te meer ons hoofd opheffen naar hem die zegt: “Zie ik ben met u tot aan de voleinding der wereld”. “Zie!” Niet naar de hemel 3), maar naar de aarde. De wereld. Daar is Christus bij ons, De wereld, daar is het om begonnen. Amen

(c) Martin Los

Schriftlezingen voor het feest van Hemelvaart volgens het r.k leesrooster voor zon- en feestdagen
3) 1e lezing: Handelingen1:1-11
2) 2e lezing: Efeziers 1:17-23
1) Evangelie: Mattheus 28:16-20
Afbeelding: fresco van de Hemelvaart in de kerk van H. Foska in Istrie

Toegerust met kracht van boven

Preek op het Hoogfeest van de Hemelvaart van onze Heer 2019

“Terwijl Hij hen zegende verwijderde Hij zich van hen en werd ten hemel opgenomen” 1) Lieve zusters en broeders, als wij elkaar uitzwaaien, wuiven we met onze handen totdat degenen die we uitzwaaien uit zicht zijn. We staan er niet elke keer nadrukkelijk bij stil wat dat zwaaien betekent. Maar het lijkt alsof we elkaar wat wind in de rug mee willen geven. Een goede vaart. En alsof we alles wat hen zou kunnen hinderen in de toekomst wegwuiven. Meestal wuiven de anderen terug tot ze ons niet meer zien. Het betekent dat we elkaar alle goeds toewensen, ook als we elkaar niet meer zien.
Jezus neemt ook afscheid van zijn leerlingen. Hij wuift hen uit met zijn zegen. Hij is aan hen verschenen om te tonen dat Hij verrezen is en leeft. Hij heeft de Schriften met hen doorgenomen om te laten zien dat die al spreken van zijn lijden, sterven, en verrijzenis op de derde dag. Hun leerschool is voltooid. Nu mogen ze zelf op weg gaan als getuigen van de Heer. Aan kennis ontbreekt het hen niet. Wat ze nodig hebben heeft Hij hen meegedeeld. Nu hebben ze nog de kracht van boven nodig. Zoals de Heer heeft gezegd: “Blijft in de stad totdat jullie uit den hoge met kracht zult zijn toegerust”.
Waarom krijgen ze die kracht niet meteen? Jezus geeft hen toch zijn zegen? Waarom mogen ze niet onmiddellijk aan de slag gaan? Waarom dit tijdverlies? Omdat ze niet overhaast te werk moeten gaan alsof ze voor zichzelf begonnen zijn. Aan het begin heeft Jezus hen geroepen vanachter hun netten, vijgenboom en tollenaarspraktijk geroepen om Hem te volgen. Nu moeten ze opnieuw wachten tot de tijd gekomen is. Wachten in de vorm van verwachten. Dat is iet anders van op je horloge kijken. Het betekent je voorbereiden. Het verlangen moet in de leerlingen groeien. Als wij Jezus willen volgen en hem dienen omdat het ons interessant lijkt en omdat het iets toevoegt aan onze beschaving – zoals het cultuurchristendom dat een zekere opgang maakt in deze tijd – zullen we snel uitgekeken raken of iets vinden dat interessanter is. Wanneer we Jezus volgen omdat het ons persoonlijk voordeel oplevert, zullen we snel afhaken wanneer we tegenslag ondervinden. Kennis is niet voldoende. We hebben kracht van boven nodig. Om die kracht te ontvangen, moeten we verlangen.
Door dat verlangen groeit de hoop in ons. Als we onze zending als christenen beginnen zonder hoop, zal het enthousiasme snel uitdoven. Door het verlangen groeit ook onze persoonlijk band met Jezus en voelen ons niet zijn knechten maar zijn vrienden, zoals Hijzelf heeft gezegd. Door die persoonlijke band groeit ons geloof.  Want wij geloven niet alleen in bepaalde waarden en idealen alleen. We geloven in de persoon van Jezus Christus. En tenslotte groeit door het verlangen ook de liefde tot Jezus die zijn leven uit liefde voor ons gegeven heeft. Die hoop, dat geloof en die liefde zijn de gaven van de Heilige Geest die ons van boven in ons gestort worden. Ze zijn de kracht die we nodig hebben om getuigen te zijn van Christus in de wereld, in het dagelijks leven met zijn uitdagingen en zijn tegenslagen en beproevingen. Laten we dus bij alles wat we doen niet alleen de risico’s berekenen of de kansen afwegen, maar laten we eerst ons goed voorbereiden. Dat is iets anders dan alleen maar passief afwachten met de handen in de schoot. Zijn we er klaar voor? Niet alleen wat kennis betreft, maar ook wat kracht betreft, kracht van boven? is onze hoop, ons geloof en onze liefde op peil. Wanneer we een toch gaan maken met de auto, kijken we ook of onze tank voldoende gevuld is.
We horen dat de apostelen en de eerste christenen voor dat ze een belangrijke beslissing namen, iemand uitzonden of aanstelden, altijd een periode van gebed in lasten. Altijd kondigden ze een vasten af om iedereen te betrekken bij de beslissing die genomen zou worden. Een vorm van gezamenlijke concentratie. Om de betrokkenheid en het draagvlak zo groot mogelijk te maken.
De hemelvaart van de Heer betekent niet zijn vertrek, maar dat Hij aan Gods rechterhand plaats neemt. De hemelvaart van Jezus betekent niet dat zijn werk erop zit, maar dat Hij zijn werk voltooit. De hemelvaart van Jezus betekent niet dat wij als zijn leerlingen en gelovigen er nu alleen voor staan, maar dat Hij op een nieuwe manier bij ons is. Dat we ons daar voor open stellen. Dat we Jezus Christus de centrale plaats geven in ons hart in overeenstemming met de centrale plaats in de hemel bij God, de Vader.
De zegen die de Heer bij zijn hemelvaart geeft aan zijn leerlingen geeft hen juist de mogelijkheid en de tijd om vol verwachting en in alle rust zich te bezinnen op hun opdracht. Zo zegent Christus ook ons om een vruchtbaar leven te leiden vervuld van hoop, geloof en liefde, vol verlangen naar Gods rijk dat komt. Dat begint in de hemel en in ons eigen hart. Amen

Martin Los

1) Evangelie volgens het universele lezingenrooster van de R.K. Kerk voor zon- en feestdagen: Lukas 24:46-53
2) afbeelding: Altarbild in der Klosterkirche Nikolausberg: