Homilie op de 32 zondag door het jaar op 8 november 2015

Preek gehouden in de kapel van klooster Huize Alenvelt en in de Willibrordkerk te Vleuten
Pastor Jan Kouijzer s.m. zou zijn voorgegaan. Volkomen onverwacht overleed hij in de avond van 6 november. De pastor was bezig met de voorbereiding van zijn preek. Helaas had hij nog geen aantekeningen gemaakt anders zou ik daarvan graag gebruik gemaakt hebben

(Voorgeschreven schriftlezingen voor deze zondag volgens het universele lectionarium van de r.k. kerk voor zon- en feestdagen: 1e lezing I Koningen 17:10-16; 2e lezing Hebreeën  9:24-28. Evangelie: Marcus 38-44)

kouijzerfoto2105Lieve zusters en broeders, het kan niet anders of we horen de woorden uit de Bijbel vandaag in relatie tot het plotselinge overlijden van pastor Jan Kouijzer vrijdagavond. Sinds 1988 heeft hij hier in de parochie als pastor gewerkt, en met velen meegeleefd in allerlei omstandigheden. Ook na zijn emeritaat in 2009 bleef hij actief. Ook als inwonend priester in dit klooster.
We realiseren ons meer dan hoeveel hij betekend heeft voor de geloofsgemeenschap en voor ons persoonlijk.

Juist als iemand overleden is zien we beter dan ooit zijn betekenis. Tegelijk beseffen we dan hoe moeilijk het soms is om de betekenis van elke persoon naar waarde te schatten tijdens zijn of haar leven.
Intuïtief voelen we wel aan dat elke mens er toe doet, maar in de praktijk krijgt een klein aantal personen alle aandacht. Om maar niet te spreken over de beloning die ieder ontvangt.
Tussen de leiding van een bedrijf en de rest van het personeel is vaak een enorm verschil in salaris. Vrijwel niemand begrijpt waarom een CEO een veelvoud verdient aan inkomen en bonussen boven een gewone medewerker in het bedrijf.
Niemand heeft er moeite mee dat mannen en vrouwen die een grote verantwoordelijkheid dragen een grotere beloning ontvangen. Maar de verhoudingen zijn nu vaak zoek.

Meestal wordt verwezen naar de zogenaamde marktwerking. Als je de managers niet zo vorstelijk beloond kunnen ze elders in de wereld wel terecht. Met andere woorden: het is een soort natuurgebeuren waartegen verzet zinloos is.
Toch weet elke manager dat voor een goed functioneren van het bedrijf iedere werknemer belangrijk is. Pas als elke werknemer zich volledig inzet en pas als de onderlinge samenwerking goed is en de sfeer prima is, zal een bedrijf echt goed produceren.
Ook al is de salariëring niet gelijk, toch verdient iedereen op zijn minst gelijke waardering. En ook daar ontbreekt het nogal eens aan. Ook in de maatschappij krijgen sommige personen alle aandacht en alle credits terwijl het toch heel duidelijk is dat in een goede samenleving ieders bijdrage belangrijk is. Dat geldt voor bedrijven, maar ook voor verenigingen, families, en voor de kerk.

Natuurlijk kan de kerk niet zonder leiding. En die leiding krijgt veel aandacht, denk maar aan onze paus. Gelukkig hele positieve aandacht. Maar dat wil niet zeggen dat niet iedere gelovige evenzeer er toe doet in de kerk.
De priester en assistenten vervullen een opvallende rol in de liturgie en ze dragen opvallende kleding. Maar dat wil niet zeggen dat zij daardoor meer betekenen dan de andere gelovigen. Iedereen is belangrijk op zijn of haar manier.

We moeten de bijzondere bijdrage en de talenten van elke persoon proberen te zien en te waarderen. Dat is lang niet altijd gemakkelijk. Soms zien we met de beste bedoelingen toch over het hoofd wat voor een unieke bijdrage iedereen levert.
De weduwe die de profeet Elia gastvrijheid verleende, leefde aan de rand of over de rand van de samenleving. Ze kwam nauwelijks rond. Het was armoe troef.
Toch was zij degene die Elia onderdak bood. En met het laatste wat ze had, hield ze hem in leven en dat laatste bleek een onuitputtelijke bron.
Deze arme weduwe vervulde daardoor een enorm belangrijke rol. En niemand die aan Elia denkt, die ook niet aan haar denkt.

Wie zijn in onze tijd de onaanzienlijke mannen of vrouwen die op de achtergrond een heldenrol vervullen? De moeder in een gebroken gezin die dag en nacht in de weer is haar kinderen een beetje behoorlijk groot te brengen? De oudere man die ploetert om zijn dementerende vrouw zo lang mogelijk thuis te mogen houden.
Zij verdienen groot respect. En zo zijn er vele mensen die niet in de krant komen, en nog minder op t.v. Het is juist die onbetaalde inspanning die zij verrichten, die zo kostbaar is voor de samenleving. De zorg en inspanning is onbetaalbaar – niet omdat het gratis is – maar omdat het veel te veel zou kosten om mensen daarvoor te belonen. En toch doen ze het. Het is niet waar dat mensen alleen bereid zijn iets te doen als ze er flink voor betaald worden. Het is een leugen. Er is ook nog zoiets als liefde, loyaliteit, respect voor de ander, roeping. Het zijn precies ook die waarden die pastor Jan Kouijzer vertegenwoordigt. Hij leefde als pater Marist volgens het armoede-ideaal van een kloosterling. Geen eigen bezit hebben om zoveel mogelijk te vertrouwen op God.

Wee, de samenleving waarin die waarden niet meer gekend worden. Waarin die waarden niet meer voorgeleefd en overgedragen worden.
De kwaliteit van een gemeenschap bestaat niet in de eerste plaats uit wat in geld is uit te drukken. Ze bestaat uit kostbare, dat wil zeggen onbetaalbare waarden.

Deze waarden verwijzen naar God zelf. Respect voor God betekent ook respect voor de waarden in ons leven, in de omgang met elkaar, in de samenleving, ook in de economie.
Het kenmerk van God is dat Hij genadig en barmhartig is. Genadig wil zeggen dat Hij genade schenkt. Genade is wat onbetaalbaar is. Genade komt voort uit de liefde van God voor zijn schepselen.
Zijn genade betekent dat Hij vergeeft. Maar ook dat hij talenten aan ieder van ons schenkt. In de waarden in de samenleving komt de genade van God aan het licht. Dat zijn de tijden en momenten waarop we zien dat het leven goed is.
Juist omdat God gratis – om niet –  zijn gaven schenkt,  ziet hij ook hoe waardevol ieder mens is.
Pastor Kouijzer heeft hier vele momenten mogen genieten van dat goede leven. Hij eiste niet veel. Hij was er blij mee.

penningskevandeweduweIn het Evangelie zien we hoe Jezus ziet met de ogen van Gods liefde en genade. Hij is niet onder de indruk van de offergaven van de rijken die geven van hun overvloed. Maar hij schat de paar centen van de weduwe op hun waarde. Deze vrouw geeft zichzelf. Ze vertrouwt zich met het laatste wat ze heeft aan God toe. Door Jezus blik voelen we intuïtief aan dat God ons ziet zoals niemand ons ziet. Wat mensen vaak over het hoofd zien, ontgaat hem niet.

Laten we daarom niet het gevoel hebben dat we er niet toe doen als anderen geen oog hebben voor wat het waardevolle dat we doen. Want God ziet het. En we lijken dan op God. Hij wordt zelf ook over het hoofd gezien.
Daar waar geldt de waarde van alles bepaalt wordt God over het hoofd gezien.
Daar waar we berekenend bezig zijn, wordt God over het hoofd gezien. Uiteindelijk worden daar ook mensen over het hoofd gezien.

Laten we als vrienden van God en van Jezus met andere ogen zien. Laten we oog hebben voor Gods genade in iedere medegelovige en in iedere mens.
Maar laten we niet wachten tot iemand is overleden en we meer dan ooit zien hoe waardevol die mens is.
Dank u wel God voor deze mens, Jan Kouijzer, uw kind. Dank u wel Jezus, voor deze priester, Jan Kouijzer. Dank je wel, Jan, broeder en collega. Amen

Pastoor Martin Los

Homilie op Allerheiligen 2015 Mariakerk en Willibrordkerk

Preek op Allerheiligen 1 november 2015 Mariakerk en Willibrordkerk waarin we de (74) gestorvenen in onze parochie van het afgelopen jaar herdachten

voorgeschreven schriftlezingen voor dit feest uit het universele r.k. lectionarium voor zon- en feestdagen. 1e lezing: Openbaring van Johannes 7:2-4.9-14 2e lezing: I Johannes 3:1-3 en Evangelie: Mattheus 5:1-12a

all saints day 2015Lieve zusters en broeders, we gedenken vandaag onze gestorvenen. Voor ons zijn zij niet dood. Ze leven.
Ze leven voort in ons. Ze leven voort in onze harten. En wat ons het meest troost en verheugt: ze leven voor God.
Het is goed om ons daar van bewust te zijn. Deze dagen van gedachtenis, Allerheiligen en Allerzielen helpen ons daarbij. En ook deze eucharistie waarin we de gestorvenen van het afgelopen jaar gedenken.
Ons leven is in onze tijd zo gejaagd dat we soms nauwelijks aan ons eigen leven toe komen. Des te meer dreigen de gestorvenen uit beeld te raken. Daarmee doen we hen tekort en we doen ook onszelf te kort. Want als we onze gestorvenen liefdevol en dankbaar gedenken, vervult ons hart zich ondanks gemis met licht en vreugde.
En ze blijven dan ook een bron van inspiratie voor ons door hun voorbeeld.

Onze gestorvenen leven letterlijk in ons voort. Niemand van ons is uit de lucht komen vallen. We danken ons bestaan aan onze vaders en moeders.
Het ongelofelijke avontuur dat het leven is hebben we door hen ontvangen.
Juist als ze gestorven zijn, beseffen we dat vaak meer dan toen ze nog leefden.

Ze leven voort in onze harten. Dat geldt niet alleen van onze ouders maar van alle mensen met wie we verbonden zijn.
Wat een rijkdom aan verhalen en beelden. Wat een bron van inspiratie en bemoediging. Ons hart is een schatkamer met al die schatten van mensen die we gekend hebben, die ons gevormd hebben, die we bewonderd hebben.
Een Afrikaans spreekwoord zegt: een mens sterft tweemaal. Eenmaal aan het einde van je leven en eenmaal als ook de laatste die jou herinnert sterft. Het is goed om te bedenken wat wij nog voor onze gestorvenen kunnen betekenen doordat hun liefde en wijsheid van kracht blijft als we aan hen denken.

Maar er zijn ook mensen aan wie niemand denkt, omdat ze in eenzaamheid gestorven zijn. Daarom gedenkt de kerk morgen op Allerzielen ook alle gelovigen en mensen van goede wille aan wie niemand ooit nog denkt, en die we zelf ook niet gekend hebben. Ook zij mogen op onze liefde rekenen voor zover ze ook mensen waren met tekorten zoals wij zelf. De kerk gedenkt hen met liefde.
Ze betrekt de gelukwensen van Jezus ook op al die onbekende en in de ogen van de wereld vaak onbetekenende mensen: Zalig de armen van geest want aan het behoort het rijk der hemelen!
God heeft in zijn liefde immers het laatste woord over het leven van iedere mens. En Christus heeft zijn leven niet alleen gegeven voor hen die bekend of zelf beroemd zijn geworden, maar ook voor al diegenen die onopvallend leefden en op Hem vertrouwden, soms in de meest moeilijke omstandigheden.

Onze gestorvenen leven ook voor God. We mogen hen zien als opgenomen in de schatkamer van God, de hemel, en het eeuwig leven. De bekroning van ons leven is daar waar we God zelf mogen zien van aangezicht tot aangezicht. We mogen hier al weten dat we kinderen van God zijn door het geloof en de doop. Maar eens mogen we onszelf zien met de ogen van Gods liefde, zoals Hij ons ziet. Dan zullen we ook Hem zien zoals Hij in ons hart gewoond heeft, zoals de Herder die ons leidde. Dan zullen we ook elkaar zo zien.

Onze gestorvenen leven voor God. Ze zijn niet achtergebleven in het graf van voorbij. Ze zijn ons vooruit. We gaan hen tegemoet. Moge die belofte ons aansporen. Als wij ter communie gaan, gaan we hen al tegemoet, want we ontvangen in de communie Christus, dat is Jezus en allen met wie hij verenigd is, dus ook allen die ons al zijn voorgegaan. En vergeten we niet: zij hebben ons in hun hart meegenomen naar de hemel. Zij bidden daar voor ons dat alles wat zij uit liefde voor God en mensen gedaan hebben ons ten goede mag komen, mag beschermen voor het kwade en ook geleiden naar het eeuwige leven.

De hemel hoeft voor ons geen Verwegistan te zijn, geen fantasialand. De hemel is bevolkt met onze geliefden, vrienden, en nog veel meer. Met Jezus als het middelpunt, het eeuwige licht dat allen verlicht. Het is ons thuis. Het is ons eeuwig huis waar we naar op weg zijn, het thuis waar zij met Christus verenigd klaar staan om ons te verwelkomen in de vreugde zonder einde. Amen

(c) Pastoor Martin Los