“Nog ééntje voor het laadje” Mijn preek met Allerzielen vanavond Mariakerk

Preek tijdens de eucharistie bij gelegenheid van Allerzielen 2018 Mariakerk

‘Ik ben de verrijzenis en het leven. Wie in Mij gelooft zal leven ook al is hij gestorven’ 1)
Lieve zusters en broeders, de ouderen onder ons herinneren zich nog wel dat vroeger het hele gezin aan tafel zat en dat er aan het eind een ‘wees gegroet’ gebeden werd. Iemand vertelde mij eens dat in hun gezin de moeder dan zei: ‘jongens, nog één voor het laadje’. Eettafels hadden vroeger meestal een laadje wat je uit kon trekken. In sommige gezinnen bewaarde men daarin de bidprentjes van de overleden gezinsleden, familie en vrienden.
In de volksmissaaltjes die de gelovigen vroeger meenamen naar de kerk, bewaarde men ook de bidprentjes van familie en vrienden. Beide voorbeelden laten zien hoe innig de band was van de levenden en de gestorvenen. Als je aan tafel zal als gezin om te eten hoorden ze erbij. Als je naar de kerk ging met je kerkboek hoorden ze erbij. Gelukkig beleven wij, als gelovigen, dat nog steeds zo, al zijn de vormen en gebruiken veranderd.
De gedachtenis van Allerzielen onderstreept deze verbondenheid met onze overledenen. Maar deze gedachtenis verbreedt deze verbondenheid met onze gestorvenen tot al degenen aan wie niemand denkt, omdat ze in vergetelheid gestorven zijn, zonder familie en vrienden en bekenden om hen te gedenken. We hoeven ons geen zorgen te maken over hen, want God vergeet niemand. Dat is de betekenis van Allerzielen. Onze namen staan geschreven Gods hand. Hij kent ons beter dan wie ook. Hij leeft in onze harten. Dat houdt niet op bij onze dood. Jezus Christus zelf bevestigt dit tegenover Martha: Ik ben de verrijzenis en het leven. Wie in Mij gelooft zal leven, ook al is hij gestorven. En wie in mij gelooft zal in eeuwigheid niet sterven.
Martha had vanuit haar rechtvaardigheidsgevoel al wel een stevige overtuiging, dat er een opstanding van de doden zou zijn aan het einde der tijden, een moment waarop God rekenschap van ieder mens vraagt over zijn leven. Haar broer Lazarus zou daar zeker bij zijn en in het oordeel overeind blijven als een goed en rechtvaardig mens.
Maar Jezus gaat een grote stap verder: ‘Ik ben de verrijzenis en leven’ Met andere woorden: het eeuwige leven begint hier en nu al door de kennis van mij als Zoon en gezonden van God, de Vader. Als je Mij kent en in Mij gelooft, ben je het oordeel al voorbij. Want God is barmhartig. Dan mag je door die kennis van Mij vertrouwen dat jouw dood niet het einde van je leven met Mij en met God is, maar het einde van de macht van zonde en dood.
“Geloof je dat?” vraagt Jezus haar persoonlijk. “Ja Heer, ik geloof dat u de Messias bent” Door dat geloof mogen we nu al de zekerheid hebben dat onze doden niet weg zijn, maar dat zij leven bij God,  zonder zorg en twijfel.
De gelovigen in Thessalonika 2) die spoedig de wederkomst van Christus verwachten, waren ontdaan omdat in hun midden een medegelovige gestorven was. Viel die christen dan ondanks zijn geloof buiten de boot wanneer Christus wederkomt? Paulus stelt hen gerust. Onze gestorvenen zijn al bij de Heer. Dus als Hij wederkomt, komen zij met hem. Dus onze gestorvenen zijn al voor ons uit.
Wat fijn dat we dat mogen geloven voor de gestorvenen die wij persoonlijk liefhebben en gedenken, maar ook degenen die niemand herdenkt, maar in Gods ogen evenzeer meetellen.
Lieve zusters en broeders het is menselijk om onze overledenen te gedenken. Om in de geest met hen verbonden te blijven en ons te laten inspireren door hun leven. Het is een bewijs van liefde dat ze een centrale plaats blijven houden in ons hart. Het geloof versterkt dit gevoel en deze band, want als we weten dat onze gestorvenen in Jezus christus zijn opgenomen in het eeuwige leven, zijn ze nog dichter bij ons. Want door Jezus zijn ze dicht bij ons, en door Hem leven we vanuit de belofte dat we elkaar eens mogen weerzien in de heerlijkheid van Gods kinderen.
Laten we ook samen steeds de eucharistie vieren waarin we de gemeenschap met levenden en doden vieren op een unieke manier. In de eucharistie komt Jezus ons tegemoet als de levende Heer. Door zijn lichaam en zijn bloed verbindt Hij ons allemaal, in de hemel en op aarde. Telkens als wij onze gestorvenen gedenken aan het altaar, vinden we troost en voelen we hun nabijheid in Gods nabijheid. Amen

pastoor Martin Los
1) Evangelie voor Allerzielen: Johannes 11:17-27
2) eerste lezing: I Thessalonika 4:13-18
afbeelding (c) parochie Licht van Christus: Willibrordkerk Vleuten met kerkhof

Allerheiligen is een Christusfeest

Preek op het hoogfeest van Allerheiligen Mariakerk 2018

‘Verheugt u en juicht want groot is uw loon in de hemel’ 1)
Lieve zusters en broeders, we vieren vandaag één van de grote feesten van de kerk. Dit feest staat niet los van de andere feesten. Want met Pasen vierden we dat Jezus Christus door zijn dood en verrijzenis als de graankorrel is die in de aarde valt, en schijnbaar verloren gaat, maar juist zo veel vrucht draagt als de korenaar. Met Allerheiligen vieren we dat Jezus met Pasen de eersteling is van de oogst van een schare die niemand tellen kan. Allerheiligen is dus bij uitstek het feest van de overwinning van Jezus Christus. Door hem en met hem en in hem hebben tallozen deel aan het eeuwige leven en de eeuwige vreugde.
Dat was de missie van onze Heer. Dat was zijn grote passie waar hij zichzelf en zijn leven voor over had. Jezus wilde de mensen terug brengen bij God. Hij wilde dat ze zouden ontdekken dat ze kinderen van God zijn. Dat Gods liefde zo groot was dat hij daar zijn eigen zoon voor in de waagschaal had gezet.
We kunnen Jezus om die reden nooit apart zien. Zodra we aan onze Heer denken, zien we rondom een menigte die niemand tellen kan. Ze behoren aan Hem. De heiligen.
In de loop der tijd is de nadruk komen te vallen op heiligheid als een soort eigenschap van bijzondere gelovigen. Medegelovigen die een kerkelijk onderscheiding kregen na hun dood. Maar oorspronkelijk en nog steeds betekent heilig in de eerste plaats zij die door Jezus Christus geheiligd zijn. Zij die door hun geloof in de gestorven en verrezen Heer, hem toebehoren. Die zoals Johannes in de Openbaring zegt: ‘hun gewaden wit gewassen hebben in het bloed van het lam” 2).
Als gelovige mensen laten we dus onze doden niet achter ons. We weten dat zij bij hun dood volledig zijn opgenomen in Christus. Ze leven voor ons uit. We bewaren hen in ons hart en hopen eens verenigd te worden met hen. Zij moedigen ons aan om zelf vol te houden zoals zij hebben gedaan.
Want het lijkt als je als je gelooft in Jezus in de wereld aan het kortste eind trekt. Je verzet je tegen onrecht. Je doet niet mee met hen die haat en verdeeldheid zaaien. Je denkt niet alleen aan je zelf. Je bent bereid liever onrecht te ondergaan dan zelf te doen. Je gelooft in een God die niemand kan zien. Maar je houdt vast aan de beloften van Jezus: “Zalig zijn jullie als men je beschimpt, vervolgt, en lasterlijk van allerlei kwaad beticht, want groot is uw loon in de hemel”.
Sommige mensen die niet geloven, maar wel  opkomen voor hen die onrecht lijden, zoals humanisten, verwijten ons christenen dat we door ons geloof in de hemel en het eeuwige leven, het ons te comfortabel maken en te weinig doen aan het leed in de wereld. Deze kritiek is niet terecht. Juist omdat we uitzien naar de overwinning van Jezus op het kwade en de dood, leggen we ons er juist in deze wereld niet bij neer.
Het feest van Allerheiligen betekent dus niet dat we al op onze lauweren gaan rusten. De heiligen die ons zijn voorgegaan willen ons juist bemoedigen en aanvuren in het voetspoor van Jezus zelf te gaan.
Soms lijken we dan alleen te staan, soms lijken we verlies te lijden, maar we houden taai vol, en niets kan ons afbrengen van onze liefde tot God en ons geloof in Jezus. Want ‘we worden kinderen van God genoemd en we zijn het ook” zegt Johannes. “nu is nog niet geopenbaard wat we zijn, maar eens zullen we aan God gelijk zijn omdat ze Hem zullen zien, zoals Hij is” 3).
Zo leven we toe naar de voltooiing en bekroning van ons leven bij God, wanneer Hij eindelijk alles in allen is. We kunnen niet wachten en tegelijk zijn we blij met alle tijd die ons gegeven wordt, om de goede strijd te strijden voor gerechtigheid en vrede, voor liefde tot de naast en allen die in nood zijn. In het gezelschap van alle heiligen in de hemel om ons heen. Amen

(c) Martin Los
1) Evangelie van het feest: Mattheus 5:1-12
2) 1e lezing: Openbaring van johannes 7:2-4, 9-14
3) 2e lezing: I Johannes 3:1-3