Homilie op het feest van de Doop van Jezus in de Jordaan 11 januari 2015

Preek op het feest van de Doop van de Heer in het weekend van 10 en 1 januari 2015 in de Willibrordkerk en Mariakerk

De voorgeschreven schriftlezingen uit het wereldwijde lectionarium van de r.k kerk:
1e lezing Jesaja 42:1-7 2e lezing Handelingen 10:34-38 Evangelielezing: Mattheus 3:13-17

potloodcharliehebdo2015Lieve zusters en broeders, aan het begin van een nieuw jaar viert de kerk altijd het feest van de Doop van onze Heer Jezus in de Jordaan. Veel mensen duiken aan het begin van een nieuw jaar in het koude water van zee of rivier om als het ware het nieuwe begin aan den lijve te ervaren door de frisse duik.
We gunnen het iedereen, hoor, om zo het nieuwe jaar te vieren met nieuwe kansen en nieuwe mogelijkheden. Want die zijn er zonder twijfel in overvloed als je er oog voor hebt.

Maar aan het begin van dit nieuwe jaar zijn we er al meteen weer mee geconfronteerd dat niet alles nieuw is. De aanslag op de redactie van het satirisch magazine Charlie Hebdo heeft ons allemaal weer met de neus op de feiten gedrukt.
Nog voor het nieuwe jaar goed en wel begonnen is beseffen we dat we voor een grote opgave staan. De opgave om niet in angst te vervallen. Angst voor mensen die er anders uitzien dan jezelf. Die opgegroeid zijn in een andere cultuur. Die misschien een andere godsdienst belijden.
Want dat is precies de bedoeling van de terroristen. Maken dat we elkaar gaan wantrouwen als burgers. Angst en verdeeldheid zaaien. Berusten we daarin? Wat gaan we er aan doen dat dit niet gebeurt? We beseffen dat dit een inspanning vraagt van iedereen.

Ook dichter bij huis zijn we er misschien in dit nieuwe jaar alweer opgestoten dat we zelf in oude fouten vervallen. Dat we jaloers voelen bij het succes van anderen. Dat we ons ergeren aan fouten van anderen. Dat we moeite hebben met de levenswijze van anderen. Hoe gaan we daarmee om?

Wat zou de wereld er anders uit zien wanneer we ons allemaal in elkaar konden verplaatsen. Dan zouden mensen elkaar helpen in plaats van te haten en te discrimineren.
Maar juist hier stuiten we op onze menselijke tekorten. Want ieder mens is anders. We kunnen ons nooit helemaal in de ander verplaatsen.
Het zou natuurlijk enorm helpen als iemand anders zich in ons kon verplaatsen. Dan stonden we er tenminste niet alleen voor.

Laat dat nu precies de boodschap zijn die de Doop van Jezus ons vertelt. Door de doop te ondergaan verplaatst Jezus zich in ons. Hij gaat in onze schoenen staan.
We vieren vandaag dat Jezus niet alleen mens geworden is zoals wij. Hij daalt ook af in de wereld van onze menselijke tekorten. Hij verenigt zich met ons om te laten zien dat hij niet gekomen is om te veroordelen, maar om te verbinden en om te behouden en om te helen.

Jezus Christus is in onze schoenen gaan staan. We staan er niet alleen voor. Wij zijn geen hopeloze gevallen. Jezus is zelf helemaal vervuld van God. Een volmaakt gaaf mens. Maar dat is voor hem geen reden om zijn neus op te halen voor anderen die gehavend zijn door het leven. Het is voor hem reden om lief te hebben en te verbinden. Jezus duikt onder in ons bestaan zonder uitzicht en Hij duikt ons daaruit op en voert ons binnen in een leven met God, een leven vol uitzicht en hoop. Hij omhelst ons met Gods liefde. Hij gunt ons dat wij in zijn liefde delen. En hij neemt ons in de arm om mee te doen met zijn missie. Die missie is het kwade te overwinnen door het goede. Menselijke tekorten niet beschouwen als reden om af te wijzen, maar als uitnodiging om lief te hebben.

Op het moment dat Jezus zich laat dopen en zich in ons verplaatst met al onze tekorten, klinkt uit de hemel de stem die zegt: “dit is mijn geliefde Zoon. In wie ik welbehagen heb”. God laat zien dat Hij achter Jezus staat. Hij wijst hem aan als degene naar wie heel de mensheid heeft uitgezien.
God verbindt zich door Jezus Christus met ons ondanks onze zwakheden en gebreken en hij nodigt op zijn beurt ons uit om ons met Jezus te verbinden in een leven waarin liefde en zachtmoedigheid voor op staan.

Met de doop van de Heer vieren we dat Jezus Christus zich in ons verplaatst heeft. Dat betekent nog niet dat wij ons in de ander kunnen verplaatsen. Wij zijn God niet. Maar we kunnen wel proberen de ander in zijn waarde te laten. Niet veroordelen. Vriendelijk tegemoet treden. Verdragen. In één woord de ander liefde geven.
En als we moeite hebben met de ander laten we dan ons bewust zijn dat Christus zich verplaatst heeft in die ander. Daarom kijkt Christus ons aan vanuit de ander. Hij wenkt ons en zegt: bekijk de ander vanuit Mij, bekijk de ander als Mij.

Dat vieren we vandaag: dat Christus zich heeft verplaatst in ieder van ons. Hij verbindt ons aan elkaar. Hij verbindt ons aan elkaar als christenen om deze boodschap voor te leven met elkaar. En hij verbindt ons met alle mensen om zachtmoedigheid te laten zegevieren over onbarmhartigheid, om liefde te laten zegevieren over haat.
Laten we de boodschap en die belofte als mensen die Jezus liefhebben in dit nieuw jaar met kracht in praktijk brengen. Laten we elkaar daarin ondersteunen.
Niemand kan ons die vrijheid afnemen.

Donderdagavond was ik naar de herdenking op het Domplein geweest. Ik zat in de bus terug naar huis. Naast mij kwam een jongeman zitten. We spraken niet tegen elkaar zoals de meeste passagiers niet. Ik dacht: “Hier begint het al. We kunnen toch gewoon even vriendelijk met elkaar praten. Is dat niet de beste remedie tegen onbegrip en vervreemding van mensen en groepen?’ Uit de binnenzak van mijn jas stak de punt van een nogal groot potlood. “Nogal een groot potlood, hè? “zei ik tegen hem toen ik het potlood te voorschijn haalde. “Ik ben net naar het Domplein geweest”. Hij begreep onmiddellijk de betekenis van het potlood. Hij glimlachte. “Ja” zei hij “ik snap er helemaal niks meer van. Dat mensen anderen zoiets aandoen als in Parijs. Alleen om een paar tekeningetjes. Mensen moeten met elkaar praten. Elkaar beter leren kennen”. Ik duwde het reuzenpotlood weer in de binnenzak van mijn jas en ik zei:  “We zijn al begonnen. Het is eigenlijk helemaal niet zo moeilijk. Vind je niet?” “Meernbrug” hoorde ik uit de luidspreker. Ik drukte op Stop. We groeten elkaar vriendelijk. Ofwel: Verbeter de wereld. Te beginnen bij onszelf. Amen.

(c) Pastoor Martin Los

homilie op het Hoogfeest van Openbaring van de Heer (Driekoningen)

driekoningen2015Preek tijdens de eucharistie op het Hoogfeest van Openbaring van de Heer (Grieks: Epifanie. Ned. Driekoningen. in Nederland gevierd op zondag 4 januari 2015)

Schriftlezingen voor dit feest uit het voorgeschreven wereldwijde lectionarium van den r.k. kerk: 1e lezing Jesaja 60:1-6 2e lezing Efeziërs 3:2-6. evangelie: Matteus  2:1-12

Lieve zusters en broeders, op het Kerstfeest staan we er altijd verwonderd bij stil dat herders de eersten waren die de pasgeboren koning mochten gaan zien. Mannen die er in de ogen van de maatschappij absoluut niet toe deden vanwege hun armzalig bestaan. Zij mochten als eersten Christus verwelkomen. En zij mochten als eersten zijn komst aan de mensen gaan verkondigen.
Dat lijkt helemaal niet op een gelikte reclamecampagne. Want als je mensen die er niet toe doen, uitzoekt om je boodschap te verkondigen, dan weet je dat er niet naar hen geluisterd wordt.
Tenzij…..tenzij je wilt dat juist alle ándere mensen die het gevoel hebben dat ze niet meetellen, bereikt worden. De armen, de eenvoudigen, de gebrekkige en zoekende mensen.

Dat is nog steeds onze opdracht als we in onze tijd de blijde boodschap verkondigen. Dat we dat niet vanuit de hoogte doen. Alsof wij christenen, meer of beter zijn dan anderen. Nee, we verkondigen de blijde boodschap vol vreugde omdat wij tot onze eigen verwondering uitgekozen zijn om in Jezus te geloven. En dat we dat graag met velen willen delen. Juist met de mensen die het gevoel hebben dat ze er niet toe doen, en die niet durfden dromen dat ze door God zijn kinderen zouden worden genoemd.

Die verleiding ligt altijd op de loer dat we ons door onze godsdienst meer voelen dan anderen. Dat is een vergissing. We moeten ons juist één voelen met alle mensen omdat we niet meer zijn dan hen. Ook omdat de boodschap dan helemaal niemand bereikt. Als wij het Evangelie verkondigen met de instelling dat wij een elite vormen die boven anderen uitsteekt, moeten we niet gek op kijken als er niemand naar ons luistert.

Het is heel gemakkelijk om in deze tijd te zeggen dat geloof mensen niets meer zegt. Dan kun je je terug trekken op je eigen gelijk. Maar we kunnen ook zeggen: “wat jammer dat we er in onze tijd niet in slagen de juiste toon aan te slaan om als echte herders de mensen van nu te bereiken, als mannen en vrouwen met visie en bezieling die tegelijk weten wat de noden van de mensen zijn.
Laten we nog beter kijken waar we nu bij de mensen aanknopingspunten kunnen vinden voor het Evangelie. Dat geldt voor ons allemaal, voor de pastores, de leidinggevenden en alle gedoopten. Waarom zou het jaar 2015 niet daarvoor zomaar ongekende kansen bieden? Maar daarvoor is wel geloof nodig. Te beginnen bij ons zelf persoonlijk en bij ons als geloofsgemeenschap.”

Op het feest van Driekoningen staan we even verwonderd dat naast de herders drie vreemdelingen uit het Oosten als eersten de nieuw koning geschenken komen brengen. Het zijn niet de hovelingen en de geleerden uit Jeruzalem die naar het kind in de kribbe komen. Ze hebben alles in handen om dat wel te doen.
Ze hebben immers de bijbelse boekrollen. Daar staat geschreven dat de Verlosser in Bethlehem geboren zal worden. Maar zelf als de wijze uit het Oosten hen ernaar vragen, gaat ze nog niet mee om te kijken.
En de paranoide koning Herodes bedenkt al een plan om een mogelijk aantasting van zijn macht meteen de kop in te kunnen drukken.
Het zijn wijzen uit het Oosten die een ster gezien hebben, en zo bij het kind in de kribbe komen met hun geschenken.
Ook dat wil ons natuurlijk iets zeggen net als bij de herders. Dat mensen uit de hele wereld Jezus Christus zoeken en als Redder zouden aanvaarden, was door de profeten al eeuwen verkondigd. We hoorden het in de eerste lezing. En nu gingen de oude woorden in vervulling. Dat is precies wat er gebeurd is.

Na Pasen trokken de apostelen de wereld in om de blijde boodschap van Jezus Christus te verkondigen aan de Joodse mensen, maar ook aan alle mensen die God niet kenden. Die zagen de ster die uit Israel was opgegaan. Ze ontdekten in Jezus de Heiland van de wereld die hen tot kinderen van God maakte.
Zo mogen wij er nog steeds op vertrouwen, dat de Heer zelf het licht is dat mensen wekt. Wíj mogen verkondigen als herders. Maar Hijzelf is ook aan het werk.
Wie weet hoe Christus’ licht al in de harten van mensen schijnt. Hij zorgt er steeds in de geschiedenis weer voor dat we voor verrassingen komen te staan. Want als Christus mensen raakt en in beweging brengt dat brengt hij ook het mooiste in hen aan het licht.

Al hun talenten komen ze hem aanbieden: goud, myrrhe, wierook.
Goud staat voor alles wat duurzaam is. Echte liefde en trouw. Dat wekt Jezus in mensen op.
De wierook die vanmorgen ook hier in de kerk rond het altaar opstijgt,  staat voor heiligheid. De liefelijke zoete geur die omhoog stijgt is, beeld van ons leven dat als een offer omhoog stijgt, een offer van dank aan God.
Myrrhe staat voor de lekkere reuk die wordt toegevoegd aan olie waarmee lichamen gezalfd en gebalsemd worden. Het wil zeggen dat alles wat in Jezus’ naam gedaan wordt niet bedorven raakt. Het maakt deel uit van het eeuwige leven, van het koninkrijk van God. Het is verrukkelijk. Heerlijk!
Het Evangelie van Jezus Christus is zo mooi dat het ook het mooiste en zuiverste en duurzaamste in mensen oproept en blootlegt.

Natuurlijk staan moeten we als gelovige mensen met beide benen op de grond. Maar laten we wel een neus hebben voor waar Christus aan het werk is. Binnen en buiten de kerk.
Laat er geen plaats zijn voor cynisme. Cynisme hoort nergens thuis maar zeker niet in de kerk. De kerk zou toch de laatste plaats moeten zijn waar je cynische geluiden hoort. Laten we ons hart ophalen aan wat mooi en zuiver en duurzaam is in de kerk en in mensen.  Kortom laten we bezig zijn met wat mensen blij maakt en verkwikt. Dat werkt aanstekelijk. Het maakt ook een geloofsgemeenschap aantrekkelijk.

Een nieuw jaar des Heren is begonnen. Laten we vol verwachting dit jaar ook als geloofsgemeenschap binnen gaan. We mogen heel dankbaar zijn voor alle inzet in het afgelopen jaar. Door uw gebed, uw activiteiten, uw financiele bijdrage, uw geloof.
Laten we ook ons beste beentje voorzetten voor het jaar 2015.
En vooral laten we de vreugde van het geloof samen beleven en vol verwachting zijn voor wat Christus teweeg brengt in mensen en waar de heilige Geest toe in staat is.
Soms dankzij ons……soms ondanks ons.
Amen

(c) Pastoor Martin Los