wij hebben zijn ster gezien

Preek op het Hoogfeest van de Openbaring van de Heer (Driekoningen) op zaterdag en zondag 4 en 5 januari 2020 in de Willibordkerk en Mariakerk

“Zij haalden hun schatten tevoorschijn en boden het geschenken aan” 1)
Lieve zusters en broeders, we zijn het nieuwe jaar begonnen met veel geknal – teveel naar het oordeel van meer dan de helft van de bevolking gezien de impact op mens en dier en milieu -Maar nu de mist van de jaarwisseling is opgetrokken opent zich daarachter een wereld van wapengekletter en oorlogsdreiging. Als wereldburgers voelen we ons machteloos tegenover de machthebbers en hun politiek die de vrede en het welzijn van gewone mensen in gevaar lijkt te brengen.
Het is opvallend dat in de beide kerstevangelieën nadrukkelijk ook de machthebbers ten tijde van Jezus geboorte genoemd worden. “Het geschiede in die dagen dat een bevel uitging van Keizer Augustus dat heel het volk geteld moest worden” horen we bij Lukas. En vandaag bij Mattheus speelt koning Herodes een belangrijke rol.
Maar in beide gevallen blijken die hoofdrolspelers in de wereld van toen, keizer Augustus en koning Herodes, slechts een bijrol te vervullen als het gaat om de komst van Christus, de geboorte van Jezus. Ze werken ongewild mee aan de vervulling van de profetieën. Augustus door zijn volkstelling die maakte dat Jezus in Bethlehem geboren werd, en Herodes die de wijzen de weg wees naar Bethlehem, onder valse voorwendsels. Dat wel. Maar zelfs daar wordt een stokje voor gestoken.
Dat in de geboorteverhalen van Jezus de machthebbers in het groot en in het klein genoemd worden, maar dan als figuranten, is geen toeval. Van meet af aan moeten we begrijpen dat het koninkrijk van God dat met Jezus in de wereld gekomen is, van een andere orde is van de staatsmacht en de wereldpolitiek. Het is niet alleen onvergelijkbaar, het is ook onstuitbaar.
Terwijl de machthebbers in vergetelheid raken, gaat Jezus Christus door om mensen te winnen voor zijn koninkrijk. Waar andere naties en politieke constellaties voorbij gaan, is het rijk van God komende. Het is sinds de komst van Christus onder ons in deze wereld, maar het is nog steeds niet volledig openbaar.
Waarom is het nog niet volledig openbaar? Waarom is het nog geen hemel op aarde? Omdat wijzelf daaraan mogen meewerken. Het rijk van God is niet als iets waar je als toeschouwers op de tribune naar kunt kijken. Het gaat dwars door onszelf heen. Onze worsteling, onze pijn, onze inzet voor een barmhartige en rechtvaardige wereld. En hoe meer we zelf het Evangelie ter harte nemen en echt in praktijk brengen, hoe meer we zelf vervuld zullen raken van de komst van Gods koninkrijk en van de waarheid dat Christus het licht der wereld is. Belangrijk is dat we midden in de wereld staan, en dat we bewogen zijn met de wereld in zoverre ze lijdt, en ons verzetten tegen het kwade. Maar we moeten ons niet in verwarring laten brengen door de machten om ons heen, of ze nu Augustus en Herodes heten of de namen die de nieuwsberichten in onze tijd beheersen.
Zij kunnen het goede nieuws van Christus komst in de wereld niet naar de achtergrond verdrijven. Het zal hén steeds naar de achtergrond dringen. Niets kan de hoop die in ons is doordat we geraakt zijn door de liefde van God in Jezus Christus teniet doen. Ze wordt alleen maar sterker. Ook ons vertrouwen dat Christus doorwerkt in onze wereld door de verkondiging van het Evangelie.
Ook in door zijn kerk in deze wereld in de harten van mensen.
“Sta op, laat het licht u beschijnen, Jeruzalem, want de Zon gaat over u op en de glorie van de Heer begint over u te schijnen”. 2) We moeten de moed niet verliezen. Ook niet nu kerk en christendom in ons deel van de wereld een minderheid zijn geworden, in Nederland vooral. Onze geloofsgemeenschap heeft juist nu uw gebed en uw steun nodig. Als we opkomen voor de menselijke waarden van het Evangelie in onze eigen situatie treden we in het licht van Christus dat ons overstraalt. Het is heerlijk en gezond om in het echte licht te leven, maar als we dat doen raakt dat ook onze omgeving, onze samenleving. Het haalt het goede in mensen boven. “Volkeren komen af op uw licht, koningen op de luister van uw dageraad”. Dat is de profetie van Jesaja die nog  niets van zijn belofte heeft verloren. We zien de vervulling van die profetie in het verhaal van de drie wijzen uit het Oosten. Ze hadden een ster gezien en brachten hun schatten mee voor het Kind in Bethlehem. Dat Kind is Emmanuel, God-met-ons. We mogen Hem zelf eren met ons leven door de navolging in het dagelijks leven. We mogen zijn tegenwoordigheid vieren in het eucharistisch offer als geloofsgemeenschap,  om weer gesterkt de wereld in te gaan. We mogen vol verwachting uitzien naar Christus aanwezigheid in de wereld door vredestichters, door mensen die oog hebben voor de zwakkeren, door eerlijke en rechtvaardige mensen.
Hoe meer we onszelf toewijden aan het Evangelie en hoe meer we ons inzetten voor een menswaardig bestaan hoe meer we zullen zien van Christus overwinning op het kwade, en van de komst van zijn koninkrijk. Laten we daarom vol hoop en vol vreugde en verwachting aan dit nieuwe jaar beginnen samen met heel de geloofsgemeenschap en de kerk
“Zij haalden hun schatten tevoorschijn en boden het kind geschenken aan”. Dat is het verhaal van God’s rijk, het verhaal van God met de mensen. Door alle tijden heen. Ook anno domini 2020. Wat er ook gebeurt. Amen

pastoor Martin Los

Schriftlezingen tijdens de eucharistie op dit feest:
1e lezing: Jesaja 60:1-6 2)
Evangelie: Mattheus 2:1-12 1)

De andere weg tussen maakbaarheidsgeloof en gebalde vuist van de onvrede door. Mijn preek van deze zondag

Preek op de 8ste zondag door het jaar in het weekend van 25 en 26 februari 2017 Mariakerk en Willibrordkerk

Lieve zusters en broeders, “zoekt eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid, dan zal alles wat je nodig hebt je erbij gegeven worden” horen we Jezus in het het Evangelie zeggen. Het is een oproep aan ieder van ons persoonlijk, maar het is ook een appel op ons, mensen, gezamenlijk. Wij richten ons eígen leven in, maar we bepalen ook samen welke kant onze samenleving op zou moeten gaat. Vooral in de aanloop naar de verkiezingen klinkt de oproep van onze Heer om te zoeken naar het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid als een politiek appel.
Het Evangelie zelf geeft geen pasklare antwoorden hoe we onze samenleving vorm moeten geven. Dat kan ook niet, want de maatschappij verandert door de tijden. Er doen zich nieuwe uitdagingen voor in elke generatie.
Maar het Evangelie geeft wel de waarden aan die belangrijk zijn voor een rechtvaardige, vreedzame en inspirerende samenleving: vrijheid en rechtvaardigheid, naastenliefde, barmhartigheid, oog voor de zwakkeren, opofferingsgezindheid.
Jezus houdt ons voor dat als we die waarden persoonlijk in praktijk proberen te brengen – ook als ons pure eigenbelang misschien ons iets anders influistert – dat we dan het leven zullen ervaren zoals God het bedoeld heeft voor alle mensen, en dat we als zijn kinderen mogen ervaren. Ook in het samen leven met elkaar.
Niet ik-eerst, of eigen groep of klasse eerst of eigen land eerst, of eigen kleur of zelfs religie eerst. Maar wat is goed voor mij én de ander, voor ons en de ánderen, voor ons land en voor de wéreld.
Als je als persoon of als groep of als land alleen aan je zelf denkt  – en hoe zou dat anders komen dan vanuit de angst dat je anders te kort komt, en dat er niemand voor jou zorgt – dan lijkt het alsof je op korte termijn daarbij wint, maar uiteindelijk leidt je schade.
Bovendien gaat het leven altijd anders dan je gedacht had, ook het maatschappelijke leven. Er zijn altijd onvoorziene ontwikkelingen. Het leven is niet maakbaar. De maatschappij is niet geheel maakbaar. We moeten ook leren leven met tegenslagen, met menselijke tekorten. Als daar geen oog en geen begrip voor is, dreigen mensen en groepen elkaar daar de schuld van te geven. Met alle gevolgen van dien: conflicten, elkaar zwart maken, maatschappelijke onvrede.

Het politieke klimaat in ons land is decennia geleid door stromingen en groeperingen die meenden dat wij als mensen alles konden en moesten beheersen, de economie, het maatschappelijke leven. God deed niet meer ter zake. God was iets van vroeger toen mensen niet beter wisten. Wij, mensen, zouden nu zelf laten zien waartoe we in staat waren.
Intussen is steeds duidelijker geworden dat dit onhaalbaar is. Ondanks het maakbaarheidsgeloof en de regelzucht is de kloof tussen rijk en arm gegroeid. Dit leidt tot onvrede in de samenleving. We zijn geconfronteerd met het vluchtelingenvraagstuk dat alom machteloosheid laat zien om tot menswaardige oplossingen te komen. Ouderen voelen zich eenzaam en in de steek gelaten. Mannen en vrouwen in de kracht van hun leven hebben geen bestaanszekerheid omdat hun banen op het spel staan door flexibilisering en automatisering.
Logisch dat er onvrede heerst bij velen. De roep om daadkrachtig optreden, om oplossingen, veiligheid enz wordt steeds luider in ons land en andere landen. Maar in feite gaat deze roep om krachtdadig optreden evenzeer van de maakbaarheid van de samenleving uit. Want de gevestigde orde – de elite – die maakbaarheid propageerden is tekortgeschoten, zegt men. Zij moeten plaats maken voor anderen. Maar zouden die dan wel die ideale samenleving kunnen bewerken? Ook nieuwe regeringen en regimes en heersende opinies zullen geconfronteerd worden met tegenslagen, kwaad, onverwachte ontwikkelingen.
Christus wijst een andere weg. Niet die van de maakbare samenleving. Maar van vertrouwen in de voorzienigheid van God: “zoekt eerst het koninkrijk van God en zijn gerechtigheid. En alles wat je nodig hebt zal je geschonken worden”. Met andere woorden als je de goddelijke waarden voorop stelt in alles: waarheid, gerechtigheid, naastenliefde, wijsheid voorop stelt bij alles wat je doet als persoon en als maatschappij, dan zal er genoeg zijn voor iedereen, dan zal er vrede zijn, dan zal er respect zijn, dan zullen wetenschappen en kunsten bloeien, dan zullen kinderen opgroeien in een wereld waarin zij gelukkig zijn.
Dan zullen we ook leren omgaan met tegenslagen in het leven en in de maatschappij. Dan zullen we ook onze menselijke tekorten van elkaar verdragen en niet elkaar zwart maken en de schuld geven. Dan zullen we onze eigen talenten niet opblazen en uitvergroten ten opzicht van anderen, maar ook de talenten bij de andere zien, die een ander politiek standpunt inneemt.
We lijken als burgers en als christenen gevangen tussen twee krachten die elkaar bestrijden en in stand houden: de ietwat zelfgenoegzame ideologie van de maakbaarheid én de ongenuanceerde gebalde vuist van de onvrede. Beide zijn gebaseerd op de visie dat de werkelijkheid volledig maakbaar zou zijn.

“Kijk naar de vogels in de lucht en de bloemen op het veld” zegt Jezus. “God zorgt voor ze. Hoeveel te meer voor jullie, mensen, die zijn kinderen zijn”. Laten wij die andere weg gaan, de weg van Jezus Christus gaan en ons inzetten voor een menselijke en rechtvaardige samenleving, waar ook plaats is voor vergeving en verzoening en erkenning van menselijke tekorten en fouten, waar vrijheid en verantwoordelijkheid niet ondergeschikt gemaakt worden aan politieke ideologieën die niet kunnen waarmaken wat ze beloven.
“Zoekt eerst het rijk van God en zijn gerechtigheid. Dan zal alles wat je nodig hebt je geschonken worden”. Dat is Gods belofte. Dat is de zekerheid en het vertrouwen dat Christus ons schenkt. Dat is de weg die vruchtbaar is en toekomst biedt. Voor onszelf en voor onze gemeenschap en voor ons land en voor heel de wereld. Amen

(c) Pastoor Martin Los
voorgeschreven Schriftlezingen voor deze zondag in het universele lectionarium van de r.k. kerk. 1e lezing: Jesaja 49:14-15; 2e lezing: I Korinthiërs 4:1-5; Evangelie: Mattheus 6:24-34