Homilie op het feest van Christus Koning 21/22 november 2015 Mariakerk De Meern

Voorgeschreven schriftlezingen voor dit Feest uit het universele lectionarium van de r.k. kerk voor Zon- en Feestdagen: 1e lezing Daniel 7:13-14; Openbaring van Johannes 1:5-8; Evangelie: Johannes 18:33b-37

Lieve broeders en zusters, velen hebben het gevoel dat we de controle een beetje aan het kwijt raken zijn over de gang van zaken in onze wereld. Ook de politieke leiders geven eerlijk toe dat zij niet goed weten hoe het moet met de stroom vluchtelingen die aan de deur van onze maatschappij klopt. Hoe kan er een eind komen aan de burgeroorlogen in de landen om Europa heen, die de oorzaak zijn van de stroom vluchtelingen?
Bovendien worden we geconfronteerd met terrorisme dichter bij huis dat enorme angst bij velen veroorzaakt. Dat is precies de bedoeling van terreur.

In zo’n klimaat hoor je velen verlangen naar sterke leiders die vertrouwen inboezemen en die met kant en klare oplossingen komen. Alsof die er zijn.

En alsof de huidige politieke leiders niet geschikt zijn voor hun taak ómdat zij ook niet alles weten en kunnen.
Misschien moeten we wel meer leren leven met onzekerheid. Dan moeten we aanvaarden dat de wereld niet altijd zo maakbaar is als we dachten.
Je kunt die onzekerheid zien als lastig – en dat is het ook – en zwak. Maar je kunt er ook op een positievere manier naar kijken.
Want uit die onzekerheid spreekt misschien wel een diepe menselijke behoefte. Behoefte aan een diepere zekerheid die de mensen nog niet kennen. Misschien is die onzekerheid in wezen wel verlangen naar een vaste grond die niet samenvalt met onze wereld, maar die absoluut betrouwbaar is: God.
En zou Jezus Christus niet voor vele zoekende mensen de leider kunnen zijn die zijn volk en daardoor de mensheid leidt door crises heen, zelfs door die van dood en ondergang?

We staan vandaag stil bij het koningschap van onze Heer, Jezus Christus. De vraag rijst:  wat is eigenlijk een echte koning?
Wat maakt Jezus tot Koning van Gods volk en tot koning van het heelal?
“Mijn koningschap is niet van deze wereld” antwoordt Jezus op de vraag van Pilatus wat hij misdaan heeft, dat de Joden hem hebben overgeleverd aan het Romeinse gezag.
In de wereld zijn kenmerken van geslaagd koningschap:  uitoefening van macht, om de wet te handhaven. Verder bevestiging van de eenheid onder het volk zodat het in vrede leeft.  En visionair leiderschap want wie een hoge positie bekleedt wordt geacht vooruit te kunnen kijken.
Macht oefent koning Jezus niet uit, tenminste niet in de zin van geweld: “Zou mijn koningschap van deze wereld zijn, dan zouden mijn dienaars er wel voor gestreden hebben dat ik niet aan de Joden werd uitgeleverd”.
Maar toch staat het koningschap van Jezus wel degelijk voor macht: namelijk om het kwade en de dood te overwinnen. Dat is de hoogste macht waartoe geen nadere macht in staat is.
barmhartigheidikoonHet koningschap van Jezus verenigt ook mensen: “Al wie uit de waarheid is, luistert naar mijn stem”.
We herinneren ons hier de woorden van Jezus die zegt: “Ik ben de Goede herder. De schapen luisteren naar mijn stem en ze volgen mij”.  Hij sluit niemand buiten.
Maar wat Jezus’ koningschap ook kenmerkt, is zijn visie. En die visie is de waarheid: “Hiertoe ben ik in de wereld gekomen om getuigenis af te leggen van de waarheid” zegt hij.
Jezus is de ware koning omdat hij de waarheid verkondigt. Hier tegenover de aardse rechter, Pilatus, die geen kwaad in hem kan vinden. Deze waarheid wil Jezus met heel de wereld delen.

Wat is dan die waarheid? Dat God liefde is en barmhartigheid.
Daar staat deze koning voor met zijn eigen leven. Op die wijze regeert hij. De troon van koning Jezus is zijn kruis. Het kruis onthult de goddelijke waarheid.
En allen die in hem geloven, uit alle volken en talen, zijn het volk dat hij leidt.
Hij nodigt ons uit de kijken met zijn ogen om te leven in het licht van de waarheid

Zij die in Jezus als koning geloven, zijn niet volmaakte mensen die geen barmhartigheid nodig hebben. Het zijn de mensen die zich bewust zijn van hun tekorten.
Zelfs degenen die Christus gekruisigd hebben,  bevinden zich onder hen.
Gods barmhartigheid is groter dan de grote vergissing die zij begaan hebben dat ze Gods Zoon gedood hebben.

Dat Gods barmhartigheid het laatste woord heeft, is dát niet de boodschap waaraan onze wereld behoefte heeft.
Is dat niet de zekerheid waar de mensheid naar snakt?
In een wereld vol geweld en terreur lijkt barmhartigheid verder weg dan ooit. “Barmhartigheid daar komen we niet ver mee”, zullen velen spontaan zeggen.
En inderdaad de boodschap van barmhartigheid is niet bedoeld om terreur te dulden of welke vorm van geweld tegen mensen ook. Het is de taak van de overheden om ertegen op te treden en de bevolking te beschermen.
Maar barmhartigheid is wel het antwoord op de verharding in de maatschappij, tussen groepen en personen, mede misschien als gevolg van angst en argwaan. Barmhartigheid is ook het antwoord op de steeds hogere eisen die aan mensen in de maatschappij worden gesteld. Kun je niet internetten of appen dan heb je een probleem.
Als productie en winsten het enige zijn dat telt in bedrijven, is dat ook een vorm van onbarmhartigheid.
En als we geen rekening houden met mensen met een gebrek, als er geen plaats meer is in onze samenleving voor mensen met een gebrek of een geboorteafwijking, is dat dat ook een vorm van harteloosheid.
En als we geen tijd en aandacht meer hebben voor onze ouderen – om te beginnen onze eigen ouders – dan is dat ook een vorm van hardheid die we alleen niet meer zo ervaren omdat we er al aan gewend zijn.
Naast terreur en geweld zijn er vele vormen van hardheid. We merken het soms niet meer omdat we er zo aan gewend zijn geraakt.

Snakken we niet als mensen, ieder in onze eigen situatie naar barmhartigheid? Barmhartigheid vanwege onze tekorten, barmhartigheid vanwege onze fouten, barmhartigheid vanwege onze kwetsbaarheid, barmhartigheid vanwege onze behoefte aan liefde en vriendschap?

Christus Koning laat ons delen in de waarheid waar hij voor staat. De enige waarheid die telt: dat God barmhartig is, en dat wij uitgenodigd worden om zijn barmhartigheid te omarmen en ook zelf barmhartig te zijn naar anderen.

Paus Franciscus heeft 2016 uitgeroepen tot jubeljaar, het Jaar van de Barmhartigheid. Dezer dagen wordt het startsein gegeven in de hele wereld. In de Sint Pieter, maar ook in elk bisdom, worden heilige deuren geopend.
Mensen worden uitgenodigd door die deur te gaan om de ruimte van Gods liefde en barmhartigheid binnen te gaan. Christus is de deur waardoor de schapen binnengaan.

Ook wij zullen in onze parochie aandacht schenken aan dit jaar van de Barmhartigheid. En suggestie van uw kant zijn van harte welkom.
Laten we luisteren naar de stem van de Herder. Wij zijn zijn volk als we luisteren naar hem.
Hij kijkt ons aan in ons hart en hij laat ons met zijn ogen kijken naar een nieuwe wereld. Kom ga mee, geef ieder een hand. Samen bouwen aan een nieuw land. Het rijk van God ligt diep in ons hart. Vandaag begint een nieuwe start.
Amen

(c) Pastoor Martin Los

Homilie op de 33e zondag door het jaar in de kapel van Huize Alenvelt op zondag 15 november 2015

Schriftlezingen tijdens de Mis volgens het voorgeschreven universele lectionarium van de r.k. kerk. 1e lezing: Daniel 12:1-3; 2e lezing: Hebreeën 10:11-14,18 en Evangelie: Marcus 13: 24-32

Lieve zusters en broeders, als er zich rampen en gruwelijke dingen voordoen, dan hoor je al gauw mensen zeggen: het einde der tijden is aangebroken. Ook nu gebeuren er verschrikkelijke dingen zoals de terreur in het Midden-Oosten en de terroristische daden eergisteren in Parijs.
Het afschuwelijke is dat dit geen natuurrampen zijn zoals een tsunami of een aardbeving. Het zijn mensen zoals wij, die dit doen. Mensen die niet als vreemde wezens, een soort aliens, ergens uit het heelal vandaan komen, maar mensenkinderen die bij de geboorte in de armen genomen zijn, die naar school gegaan zijn, opgegroeid zijn te midden van andere mensen. Dat maakt het nog onbegrijpelijker en angstaanjagender.

“Het einde der tijden” gebruiken we als we denken dat de dingen die ons angstig maken het begin zijn van een totale ineenstorting. Jezus spreekt ook over het einde der tijden: “de zon zal verduisteren, de maan zal geen licht meer geven, de sterren zullen van de hemel vallen”.
Maar hij spreekt niet van een totale ineenstorting. Hij spreekt over de verschijning van de mensenzoon met grote macht en heerlijkheid. Het einde is dus kennelijk het einde niet, maar de verschijning van Christus in zijn heerlijkheid.
Dat is niet iets om bang voor te zijn. Dat is iets om juist naar uit te zien. Als een ei openbreekt, lijkt het ook alsof de ei-wereld vergaat, maar er komt nieuw leven te voorschijn: een kuiken.
Hoe zit dat nou met dat einde waarover de Jezus spreekt? Daarvoor moeten we denk ik luisteren naar Jezus’ woorden: “dit geslacht – we zouden nu zeggen: deze generatie – zal niet voorbijgaan totdat dit alles gebeurd is”. Met  “deze generatie” wijst Jezus om zich heen naar de mensen van zijn tijd.

Sommigen zeggen nu: Jezus was een enthousiasteling die zich vergist heeft. Het is helemaal niet uitgekomen wat hij dacht. Er heeft helemaal geen ineenstorting van de wereld plaatsgevonden.
Maar voor ons christenen is er wel degelijk iets gebeurd dat de geschiedenis totaal veranderd heeft. Dat is het lijden en sterven en de verrijzenis van Jezus.
De Zoon van God werd aan het kruis genageld. Met het kruis van onze Heer stortte een wereld totaal in. Een wereld waarin voor God geen plaats meer was. Een wereld waarin de zonde, de haat, de afgunst, en de onbarmhartigheid het laatste woord lijken te hebben.

verlosser2025Het lijden en sterven van Christus was niet een gebeurtenis onder vele andere in de wereld. Een onbetekenend krantenberichtje. Hemel en aarde vergingen op dat moment. Maar door de verrijzenis van de Heer begon een nieuwe wereld.
Een wereld die niet meer afstevent op de ondergang, want dat is al gebeurd, maar een nieuwe wereld waarin het rijk van God doorbreekt.
Allen die in Jezus geloven, in zijn kruis en verrijzenis, zijn nu door dat geloof kinderen van God, kinderen van het licht. Ze leven niet met de dood voor ogen, maar met het koninkrijk van God. In hen heerst de dood niet meer, maar het eeuwige leven.

Als wij leven vanuit geloof, en vanuit de hoop en vanuit de liefde dan is dat al het eeuwige leven. En als wij sterven volgt daarop niet de dood, maar de openbaring van dat eeuwige leven.
Het einde der tijden is niet iets dat bepaald wordt door de rampen die plaats vinden en de schrik die we ondervinden. Dat is ons gevoel. Begrijpelijk. We zijn net als alle andere mensen.
Maar we  moeten ons er niet door laten meeslepen, want wat er ook gebeurt: het rijk van God komt alleen maar dichterbij. En dat is niet de totale instorting, maar de overwinning van Gods liefde die aan het kruis van Christus begonnen is.
Betekent dat we de terroristische aanslag als in Parijs me schouder ophalen bekijken omdat het toch niks meer uitmaakt want het rijk van God is nabij?

prayforparis2015Nee, absoluut niet. In de eerste plaats hoort bij de komst van het rijk van God meeleven met de slachtoffers en de nabestaanden. Want liefde heeft het laatste woord. Als we geen liefde en barmhartigheid tonen voor de getroffenen en niet openlijk protesteren tegen het kwaad dat hen treft, hebben we absoluut niet begrepen wat bedoeld wordt met: de liefde van God heeft het laatste woord.
Het betekent óók er op toe zien dat kwaad niet leidt tot groter kwaad omdat onschuldige personen en groepen worden aangewezen en vervolgd. Doe niet mee aan het verwerpelijk gedrag van hen die zondebokken zoeken.
Verder moeten we met juist nú met extra kracht en volharding werken aan verbroedering tussen mensen van verschillende religies, culturen, afkomst.
Belangrijk is dat wij als christen voorop liefde en gerechtigheid beoefenen. We moeten niet toestaan dat haat gevoed en gekoesterd wordt.
Tegenover de kwaaddoeners als terroristen die een wereld vertegenwoordigen die voorbij is, moeten we de mensen van het rijk van de toekomst zijn die met opgeheven hoofd het kwade overwinnen door het goed.
Laten we niet cynisch op onze plek blijven zitten als christenen. Laten we in het aangezicht van kwaad en terreur vredelievend handelen. Met elke daad en elke stap zullen we dan ervaren dat het kwade geen toekomst heeft. Maar in de daden van liefde die we doen, breekt het rijk van God al aan.
Laten we geen voedsel geven aan angst en moedeloosheid. Laten we opzien naar het kruis van onze Heer en telkens vol hoop verder gaan, gelovig en moedig.
Wetend dat het einde allang begonnen is, en dat het rijk van God met elke dag, elk uur, elke minuut, elke seconde dichter bij komt. Geen tijd te verliezen dus om vrede te stichten, lief te hebben en te bidden. Ja, laten we vooral ook het bidden niet vergeten. Dat is ons sterkste wapen tegen de angst en de waanzin. Amen

Pastoor Martin Los