liever geen onnodige ballast

Babyboomers in de USA kunnen hun spullen niet meer kwijt aan hun kinderen, las ik deze week in een Amerikaanse onlinekrant. In Nederland is dat niet anders. Als de naoorlogse generatie kleiner wil gaan wonen en van rijtjeshuis of twee-onder-een-kap verhuist naar een appartement, moeten de zolders en soms kelders en de vele kasten worden leeggeruimd.
ballast2016Oud serviesgoed, bestek, kleden, meubilair, bedden, wordt aan de kinderen aangeboden, maar die hebben er geen behoefte aan. Het is hun smaak niet. Ze hebben geen zin in tweedehands al is het van hun ouders. Ze willen vooral geen ballast.
Onder de bestsellers in de boekhandel vind je nu boeken over hoe je grote opruiming houdt. Zo weinig mogelijk spullen in huis geeft je een goed en gezond gevoel, is de boodschap. Less is more.
In die sfeer hoeven de senioren al helemaal niet met hun overbodige zaken aan te komen bij de kinderen. De veertigers van nu als ze gehuwd zijn of met een partner samenwonen, werken beide. Veel tijd om zelf schoon te maken is er niet. En om een betaalde kracht boeken af te laten stoffen, is niet handig. De robotstofzuiger doet zijn intrede in de huiskamer maar dan heb je graag zo min mogelijk zaken rondslingeren. Veel van de jarenlang opgehoopte dingen komt niet meer bij de kinderen terecht zoals in vroeger waarin niets werd weggegooid, maar bij de Emmaus en bij de afvalverzamelplaats.
Deze trend blijft niet beperkt tot materiele zaken zoals huisraad van allerlei aard. Wat te denken van de dia’s, de fotoalbums, de videobanden, cassettebandjes, boeken met herinneringen. De veertigers schudden hun hoofd bij de gedachte dat zij hiermee de planken van hun kasten zouden moeten vullen. Alles wat niet gecomprimeerd kan worden op een USB stick, gaat de ondergang tegemoet. Vuilnisophalers kunnen ervan meepraten. Complete verzamelingen dia’s en bergen fotoalbums komen op de stortplaats of in de verbrandingsoven terecht.
Maar de kindertekeningen, de foto’s van de kindertijd, en allerlei andere dierbare herinneringen, de eerste hockeystick, babyschoentje, die de ouders bewaard hebben van hun kinderen zullen ze toch wel met blijdschap in ontvangst nemen en met zorg willen bewaren? In veel gevallen niet. Ze zijn vertederd dat pa en ma deze tastbare sporen van hun kindertijd gekoesterd hebben, maar toch niet om hen er nu zelf mee op te zadelen. Teleurstelling en tranen bij de babyboomers. Is dan alles wat zij bewaard hebben in de hoop dat hun kinderen er blij mee zijn, overbodig? Het is even slikken. Ja, het meeste wel.
Tot zover gaat het over materiele dingen. Vaak voorwerpen die herinneren aan de geschiedenis van familie en gezin. Het lijkt alsof je dan niet alleen kale voorwerpen wegdoet, maar beelden van je leven. Materieel en immaterieel raakt hier aan elkaar. Een ding is niet alleen een ding.
Dit roept natuurlijk de vraag op hoe het dan staat met de niet tastbare zaken? Ik denk aan de religieuze traditie? Regelmatig bellen kinderen van een langstlevende oudere die overleden is, bij mij aan de pastorie aan met een doos vol kruisbeelden, heiligenbeeldjes, rozenkransen, communiekleedjes en oude misboekjes: “Misschien kunt u er anderen blij mee maken. Wij doen er niets mee, maar we willen deze spullen toch niet graag bij de vuilnis doen”. Vooral uit deze laatste opmerking blijkt hoe ze respectvol staan tegenover de waarde ervan door het gebruik ervan door hun ouders en grootouders. Maar zelf kan de jongere generatie er niet mee uit te voeten.
Een kruisbeeld is voor de oudere generaties niet een soort versiering, maar een venster op een onzichtbare werkelijkheid. De rozenkrans is niet een soort religieus tijdverdrijf, maar tastbare verbinding met de wereld van gebed en van het mysterie van God. Als de jongeren in het algemeen deze devotionalia als voor hen overbodig ervaren betekent dit niet dat zij niet meer zouden geloven of willen geloven. Ze denken vaak met groot respect aan de oprecht vroomheid van hun ouders en grootouders. Maar zij verbinden geloof niet met gebruiken van voorwerpen. Dit leidt vaak tot de vraag of geloven wel iets is van deze tijd, zo verbonden is het voor velen met uiterlijke, soms verouderde, voorwerpen.
Natuurlijk zegt dit allemaal beslist iets over onze omgang met materiele zaken zowel uit de familietraditie als de religieuze traditie. Hebben voorwerpen, materiele dingen, steeds minder betekenis voor ons? Beschouwen we alles in de eerste plaats of alleen als gebruiksvoorwerpen? Dan is het vanzelfsprekend dat we de dingen om ons heen steeds meer als vervangbaar en zelfs hinderlijk gaan beschouwen.
Hebben we de verbinding met het verleden die de dingen vormen, niet meer nodig. Ze vormden ons thuis. Hoe zit dat nu? Zijn we op weg om een soort nomaden te worden die altijd onderweg zijn. De vluchtelingen die gedwongen alles achter zich moesten laten, maar ook de moderne burger die vrijwillig geen binding meer aangaat omdat spullen ballast zijn?
Wat de godsdienstige traditie betreft, zeker in zijn katholieke vorm, is deze ontwikkeling een grote uitdaging. Beelden en andere religieuze voorwerpen maakten het onzichtbare zichtbaar. Het tastbare mag het goddelijke representeren. Gaat dit besef verloren of bevinden we ons in een overgangssituatie die vraag om nieuwe vormen en nieuwe representatie?
Het zou niet voor het eerst zijn. Ooit ging de vader van alle gelovigen, Abraham, op weg met achterlating van alles, alleen de stem van God die hem riep, volgend. En Jezus zelf was steeds onderweg. Hij droeg zijn leerlingen op de wereld in te trekken met alleen een stok om eventueel wilde dieren af te schrikken en sandalen onder voeten om zich niet te bezeren aan scherpe stenen en stekels. Zelfs geen beurs of extra mantel.
In elk geval is duidelijk dat er in onze tijd sprake is van een representatiecrisis. Van het goddelijke, maar ook van het menselijke. Dat kan duiden op een geloofscrisis, of zelfs een crisis in de menselijke beleving van zichzelf als lichamelijk, zichtbaar, tastbaar, wezen.
Maar als het goed is, is een crisis geen teloorgang, maar doorgang naar een nieuwe vorm en beleving van de werkelijkheid. Daar is best een flinke dosis geloof voor nodig, denk ik.

(c) Martin Los

Elle, een ongemakkelijke film van Paul Verhoeven

HuppertChatElle et Noelle

In de recensies van Pauls Verhoeven’s film Elle ben ik nog geen verwijzing tegengekomen naar de rol van Kerstmis in dit thrillerachtige drama. Wel merkt Peter de Bruijn (nrc.nl 31 mei) op dat Verhoeven “een scheutje katholicisme aan de film heeft toegevoegd” in de persoon van een vrome blonde buurvrouw, een ingrediënt dat niet voorkomt in het boek “Oh….” van de Franse schrijver Philippe Djian, de basis voor het script.
Maar Noelle (Kerstmis) speelt een niet onbelangrijke rol in de film. Zowel als feest van soms tenenkrommende gezelligheid in de huiselijke kring als christelijke hoogfeest met Kerststal en al.
Mocht de kijker dit ontgaan zijn dan wordt zij aan het eind nog eens eraan herinnerd wanneer de buurvrouw de menshoge beelden van de kerstgroep die eerder in de film het huis waren binnengedragen, nu het huis uit laat dragen en in een bestelauto worden gezet.
Een aantal recensenten verzucht dat de film te vol is aan verhaallijnen en aan thema’s. Dit zou gevolg zijn van Verhoevens aanpak om alles op het doek te smijten om te zien wat het verrassende resultaat is.
Ik vind het onbevredigend om deze veelheid als reden aan te grijpen om Kerstmis in Elle te negeren. Alleen al dat de titel van de film Elle rijmt op Noelle geeft te denken. Kerstmis is geen toevallige figurant, maar speelt een betekenisvolle rol.
De hoofdpersoon Michelle, gespeeld door Isabelle Huppert, is aan het begin van de film slachtoffer van een verkrachting door een onbekende overvaller in haar eigen huis. De hele film volgt haar in de verwerking van deze traumatische ervaring. Opvallend is dat zij zich niet als slachtoffer opstelt en in de hulpverlening terecht komt. Ze doet zelfs geen aangifte. Tot verbijstering van haar vrienden. Ze verbergt het dus zeker niet uit schaamte. “Schaamte brengt ons niet echt verder” zegt ze tegen haar hartsvriendin op een ander moment.
Later in de film blijkt dat haar vader een psychopaat is geweest die kinderen bloedig heeft omgebracht. Als meisje van acht is ze zelf getuige geweest van de paniekactie van haar vader om alle sporen uit te wissen en zijn arrestatie. De kleine Michelle zat als gevolg van die mislukte actie onder de as. Zo staat een foto van haar in de krant van toen toont haar als “het as-meisje”. Zou het meisje ooit nog als krachtige persoon uit de as van die herinnering herrijzen?
Ze blijkt in elk geval krachtig leiding te geven als volwassen vrouw bij een uitgeverij van Games. In die imaginaire wereld is veel geweld, vliegen ledematen in het rond en vloeit veel bloed. Die imaginaire wereld doet haar niets. Maar dan vloeien reële wereld en imaginaire wereld in elkaar over als één van de medewerkers haar foto heeft in gescand in een verkrachtingsscène in een tekenfilm. Uiteraard roept dit de suggestie op dat de reële verkrachter in de beginscène een van haar eigen medewerkers is. Op zo’n moment wordt de detective in de bioscoopbezoeker gewekt. Mij viel op dat in de pauze omstanders vooral bezig waren met de vraag Who Dunnit. Misschien ook wel omdat schaamte over het geweld aan vrouwen aangedaan in de werkelijke en imaginaire wereld, spreken over de film ongemakkelijk maakt.
Michelle blijft door alle gebeurtenissen heen overeind. Niet omdat zij zelf een ideaal en onberispelijk mens is. Ze incasseert en ze deelt uit. Soms ronduit zelfzuchtig. Geen klassieke heldin die immuum is voor het kwade. Er is eerder sprake van een ongenaakbare innerlijk kern. Een raadsel. Vaak ook voor zichzelf. De mens als sfinx. Niet voor niets begint de film met een kat die met zijn ogen de kamer in kijkt als de verkrachting plaatsvindt. Een beeld dat later in de film herhaald wordt.
Isabelle Huppert kan als geen ander de rol van een persoon spelen die niet tot een al of niet geslaagde morele lego-pop kan worden herleid. Michelle is zelf werkelijkheid. Onherleidbaar. Een persoon die niet immoreel is, maar amoreel omdat ze aan elke moraal voorafgaat.
Hier komt Noelle om de hoek kijken. Zoals gezegd komt Kerstmis helemaal niet voor in het boek dat Verhoeven gebruikt heeft voor de verfilming. Hij zelf moet behoefte hebben gehad aan een tegenbeeld van Elle.
Tegenover de echtheid van de mensenwereld, inclusief psychopaten en verkrachters, en vooral de echtheid van Michelle, wordt een schijnwereld geponeerd. De wereld van de moraal, die geïdentificeerd wordt met het christendom. Kerstmis en het Kerstverhaal verbeelden dit Christendom. Het is volgens dit scenario niet alleen onecht. Het is in zijn naïviteit ook gevaarlijk. Want de buurman die samen met zijn vrouw tegen Kerstmis de mensgrote beelden van de kerstgroep hun huis in dragen, blijkt uiteindelijk de dader. Tijdens de kerstmaaltijd, uiteraard geheel geseculariseerd, ten huize van Michelle, vraagt de buurvrouw of ze even een moment stilte mag hebben om te bidden. En even later als de maaltijd bezig is, vraagt ze of de televisie aan mag om naar de Kerstnachtmis met paus Franciscus in Rome in de St. Pieter te kijken.
Jet lijkt alsof Verhoeven de spot drijft met deze vroomheid. Maar dat is schijn. Hij neemt haar ernstig want onder de pastelkleuren en fondantsmaak van religie, juist ook romantische christendom, kan een wereld schuil gaan van verdringing van het kwade in de wereld zoals de film wil zeggen.
Het is gemakkelijk om Verhoeven te verwijten dat hij in zijn film van het christendom een karikatuur maakt door het Kerstfeest (Noelle) zo in Elle tegenover Michelle neer te zetten als beeld van naïviteit en onechtheid. Elle is echter geen documentaire. Een film verbeeldt en maakt gebruik van beelden en rollen waardoor we in de spiegel kijken. Aan christenen en aan iedereen de vraag of het Kerstverhaal een romantisch sprookje is dat we ieder jaar opvoeren als een soort bezwering van het onverklaarbare kwaad in de wereld en daar soms aan meewerken door te ontkennen wat ook dichtbij huis of in huis gebeurt.
Wat mij betreft is Jezus niet in een onechte sprookjeswereld geboren die we eenmaal per jaar opvoeren, maar in de echte wereld, de wereld zoals van Elle. Een wereld die verzoening nodig heeft om in het reine te komen met het onpeilbare kwaad dat mensen wordt aangedaan en elkaar aandoen. Michelle is zelf op zoek naar verzoening vanwege het kwaad dat haar op allerlei manieren is aangedaan. Dat is het verhaal van Elle
Om de betekenis van Kerstmis goed te begrijpen moeten we haar vanuit Goede vrijdag en Pasen verstaan. Het onherleidbare mysterie van het kruis. Misschien staat Elle dan dichter bij het verhaal van Christus, dan wij – en Paul Verhoeven onbedoeld – vermoeden.
Elle is een ongemakkelijke film. Noelle een ongemakkelijk feest.

Martin Los