Een Klein Leven (A Little Life). Recensie

Een Klein Leven door Hanya Yanagihara Nieuw Amsterdam uitgevers 2016

Drijfzand
EenKleinLeven0001
Eigenlijk zou op de omslag van de roman Een klein leven van de Amerikaanse schrijfster Hanya Yanagihara de waarschuwing moeten staan: “Gevaarlijk. Drijfzand”. In een interview kort na de voltooiing van haar boek vertelt de schrijfster dat zij welbewust een roman heeft willen schrijven die als Quicksand zou werken. Inderdaad, als je begonnen bent met lezen, kom je niet meer los ook al zou je willen. Als je je probeert te ontworstelen, raak je steeds dieper verstrikt in deze ongemakkelijke roman. In niet minder dan 750 bladzijden wordt de diepe vriendschap en trouw van vier vrienden aan elkaar beschreven. Ook de belangeloze liefde van mensen voor elkaar. De momenten dat het schuurt en kraakt. De pijn die ze aan elkaar beleven. Maar ook de bewondering voor elkaar door de verschillende levensfasen heen. Ook het intense verdriet om het verlies dat ongenadig komt.

Argeloos begin: vrienden op kamers
Het begin is nog argeloos. Het beschrijft hoe de vier vrienden als studenten met elkaar omgaan, bij elkaar op kamers wonen in Manhattan, met heel weinig genoegen nemen, want ze leven van de vriendschap. De één studeert architectuur, de ander volgt de kunstacademie om schilder te worden, de derde volgt de opleiding tot toneel- en filmacteur, en de vierde, de hoofdpersoon, Jude, studeert aan de rechtenfaculteit. Niets van drijfzand. Maar op het moment dat je daarin verzeild, is het te laat. Onverwachts blijkt Jude’s verleden een struikelblok voor hem te zijn om zich helemaal uit te leven in de vriendschap. Hij probeert min of meer onzichtbaar te zijn. Het is één van de vele aspecten doorheen de roman van een klein leven.

Alleen op de wereld
Gaandeweg het boek blijkt dat hij ooit te vondeling is gelegd bij een klooster. De broeders behandelen hem hardvochtig. Er is sprake van misbruik. En de enige aardige broeder gaat er met hem vandoor om hem als kinderprostitué te exploiteren in het ene motel na het andere. Als hij daaruit ontsnapt en als wees alleen in de wereld is, is zijn beproeving nog niet ten einde. Hij komt terecht in een tehuis waaruit hij na veel ellende ontvlucht om uiteindelijk te belanden in de handen van een zich dokter noemende psychopaat.
Denk niet dat Hanya Yanagihara deze verschrikkelijke kindertijd in chronologische volgorde vertelt in een afgebakend hoofdstuk. Zelfs aan het einde van het boek is nog niet alles verteld. En wat wel onthuld wordt, gaat met horten en stoten, door heel de roman heen. Wat we te horen krijgen en op welk moment, hangt af van de herinnering van Jude zelf als hij is opgenomen in de vriendenkring, een succesvolle student is, een door iedereen geaccepteerd of zelfs geliefde. Pas dan komen de vragen wie hij eigenlijk zelf is, al of niet onder invloed van het verlangen van de anderen om hem beter te leren kennen. Dat geldt het meest van een van de vier vrienden, die later gevierd filmacteur wordt, en een relatie met hem aangaat. En van zijn leermeester, professor Harold Klein en diens vrouw die hem als volwassene adopteren als hun eigen zoon.

Herinneringen met een eigen leven
De herinneringen doen zich aan hem voor. Ze zijn geen beelden die hij zelf naar believen oproept en van zich af kan zetten. Soms worden ze getriggerd door nieuwe ervaringen van geweld en misbruik en door ingrijpend verlies. Maar door alles heen is er zijn lichaam. Dat gekwetste lichaam dat de sporen draagt van zijn verleden als kind en puber. Hij schaamt zich ervoor. Hij laat niemand toe. Uit afschuw en wantrouwen. Maar gaandeweg raakt hij door de littekens uit het verleden gehandicapt zodat het zijn omgeving niet kan ontgaan dat hij er slecht aan toe is en hulp nodig heeft.

Pijn doen om pijn te verzachten
Bovendien heeft hij zich aangewend zichzelf te snijden om door deze pijn het gevoel te hebben dat hij toch de controle heeft over zijn lichaam en zijn leven. Zelf ben ik in mijn pastoraat vaak mannen en vrouwen tegengekomen die slachtoffer geworden zijn van het gedrag van anderen of gebeurtenissen, en die liever zelf schuld op zich namen, dan hun volkomen onmacht te accepteren. Het kan verleidelijk lijken door je zelf pijn doen, ook geestelijk, diepere pijn te verzachten. Hanya Yanagihara is er in geslaagd om het verhaal van het geschonden lichaam en de pijn zo op te nemen in het grote ontroerende verhaal van de vriendschap dat het in mijn beleving geen moment voyeuristisch of sentimenteel overkomt. Het betrekt de lezer wel in de worsteling van Jude in de zoektocht naar wie hijzelf eigenlijk is. En in de worsteling van zijn vrienden in de zorg om hem. Vaak voel je je als lezer ongemakkelijk, misselijk en vol deernis. Maar je ontworstelen aan de worsteling kun je niet. Je waadt door drijfzand. Je worstelt mee. Tot tranen toe.

Heling en verlossing
De binnenste kring vrienden, maar ook de kring daarom heen wil Jude helpen, behoeden voor pijn en genezen. Ze hebben er alles voor over. Maar het roept bij hem de vraag op of zijn leven zoals het is dan niet telt. Vormt de pijn van het verleden en de beperkingen van nu niet een wezenlijk deel van zijn leven. Zijn heling en genezing niet een voortijdige verlossing van een klein leven dat in al zijn kleinheid groot is? Is een gaafheid van lijf en geest, zo die al mogelijk is, niet een soort lethargie waardoor iemand een vreemdeling wordt in eigen leven? Mag je houden van het leven ook als het geschonden is? Een klein leven stelt de onvermijdelijke vraag naar de zin van het leven. Ik ervaar de roman als een vraag naar verzoening met leven dat onvolkomen is. Het is de vraag naar verlossing. Vriendschap en liefde spelen daarin een grote rol. Maar zij zijn broos en breekbaar. En je vrienden en die je liefhebben kunnen weggerukt worden. Voor mij is een vraag naar de zin van ons bestaan, naar verzoening met het bestaande, en verlossing, hoe impliciet ook, een vraag naar God.

De wereld rondom
De roman beschrijft gebeurtenissen die een halve eeuw bestrijken. En de vriendschap betreft de studietijd en de ontwikkeling en maatschappelijke bloeitijd van ieder van de vrienden en de personen daarom heen. Het is tegenwoordig gebruikelijk dat in romans en films die over langere periodes spelen het wereldtoneel als achtergrond wordt gebruikt. In het eerder genoemde interview wordt aan de schrijfster de vraag gesteld waarom zij alle verwijzingen naar contemporaine gebeurtenissen heeft weggelaten. Hanya Yanagihara antwoordt dat zulke verwijzingen relativerend werkend ten aanzien van de eigen tijd van het feitelijke verhaal. Zij wilde dat juist voorkomen in deze roman omdat de lezer geen ontsnapping geboden zou worden. De lezer moet als het ware in het verhaal gezogen worden. Aan het drijfzand is geen ontkomen

Ter afsluiting
Echte kunst, zeker literaire kunst, moet de lezer in de gelegenheid stellen zijn of haar wereld en het eigen bestaan, zichzelf, als het ware opnieuw te verstaan. Met bestaande taal en beelden wordt als het ware de taal en de werkelijkheid opengebroken. De lezer is na de laatste bladzijde niet meer dezelfde als aan het begin. In die opzet is Hanya Yanagihara wat mij betreft geslaagd. Als was het maar door de vragen die de roman oproept en die nablijven als een zeurende pijn en een ongemakkelijk soort jeuk. Ik bewonder de schrijfster voor haar empathische manier van vertellen, verrassende metaforen, en vermogen om ons rond te leiden in een bijna filmische wereld. Maar u bent gewaarschuwd: “Gevaarlijk. Drijfzand!”

© Martin Los

homilie op de 7e zondag van Pasen 8 mei 2016 Mariakerk en Willibrordkerk

Voorgeschreven Schriftlezingen voor deze zondag in het universele r.k. lectionarium voor zon- en feestdagen: 1e lezing: Handelingen der apostelen 7:55-60; 2e lezing:  Openbaring 22:12-20; Evangelie: Johannes 17:20-26

Christus-ikoon in de Syrisch-Orthodoxe kerk in Parijs

Lieve zusters en broeders, aan de vooravond van zijn lijden en sterven bad Jezus tot zijn hemelse Vader zoals we in het Evangelie hoorden, dat allen die in hem geloven “één mogen zijn”.
Laten we nog even samen stil staan bij die woorden, zodat ze ons echt raken en ons hart sneller doen kloppen van verlangen naar die eenheid. Want als onze Heer zijn leven gegeven heeft voor die eenheid, dan moet het wel iets heel bijzonder en kostbaars zijn voor ons allemaal.
Waar denken we zelf aan bij eenheid in het algemeen? Mag ik een gokje wagen? Bij eenheid denken we meestal aan uniformiteit. Iedereen doet hetzelfde. Bij voorkeur denkt ook iedereen hetzelfde. Vanuit dat idee zijn verschillen eigenlijk onwenselijk. Ze moeten overwonnen worden.
Zou dat de eenheid zijn waar Jezus naar verlangt en waarvoor hij zijn leven heeft geofferd? Nee, want zo’n eenheid – al is het ook met de beste bedoelingen – staat op zeer gespannen voet met verlangen naar vrijheid. Jezus is in de wereld gekomen om ons te verlossen uit een leven zonder God. Hij heeft zichzelf gegeven om ons de vrijheid van Gods kinderen schenken.
De eenheid waar Jezus naar verlangt voor ons allemaal, kan dus geen nieuw keurslijf zijn. Een keurslijf dat het leven eigenlijk verstikt, dat mensen onvrij maakt, dat verschillen straft, en eigen initiatieven doodt. Of het nu in een land is, of in een cultuur, of in een gezin, of in de kerk.
Waar in een lánd eenheid tegenover vrijheid staat, is sprake van een duurzame dictatuur. In een democratie kan sprake zijn van een tijdelijke noodtoestand bijvoorbeeld door politieoptreden in tijd van terreur. Maar zulk optreden zal uiterst terughoudend en zo kort mogelijk moeten zijn.
Nee, de eenheid waar om Jezus zijn hemelse Vader smeekt voor ons en ons geluk, is die van de liefde.
Liefde is geen eenheid die vrijheid in de weg staat. Liefde laat ruimte voor verschillen. Liefde koestert verschillen. Want door de verschillen kunnen we elkaar aanvullen en verrijken, behoeden voor eenzijdigheid. Liefde is die eenheid die leven ademt.

Op deze moederdag gaan de gedachten van velen van ons terug naar onze kindertijd. Naar de zorg en liefde die we kregen van onze ouders, in het bijzonder onze moeder. Zelfs als onze herinneringen soms pijnlijk zijn, is het gezin toch de plek waar we samen met ouders, broers en zusters, het leven deelden. Het gezin is de plek waar we met verschillen te maken krijgen. Het is de plek waar we met die verschillen leren omgaan.
We kunnen alleen maar met respect denken aan onze moeder die als eerste al die verschillen moest “handelen”, de verlangens van haar man, haar kinderen, van de gezinsleden onder elkaar, en van haar zelf.
Dat dat niet altijd lukte, wil niet zeggen dat het fout ging. Want we zijn mensen met onze tekorten. Dus ook onze ouders, ook ons gezin. Maar we leerden omgaan met verschillen.
Zo is het gezin ook de eerste leerschool voor hoe je later omgaat met verschillen in de maatschappij. In het gezin gaat het om de eenheid en om het verschil. Daarom komen in de beste gezinnen conflicten voor. De gezinsleden verschillen van karakter, in de ontwikkeling van de persoon, in opvatting en smaak.
Een conflict wil niet zeggen dat er iets fout gaat, maar dat er iets op het spel staan. Een conflict duidt meestal op een nieuwe fase in de gemeenschap. Of het nu het gezin, of een maatschappij of de cultuur is. Want leven staat niet stil, maar zoekt zich een weg.
De vraag is dus niet of er conflicten mogen ontstaan, maar hoe we ermee omgaan. Met respect voor elkaar ook al vallen er soms harde woorden want emoties spelen ook een rol. Maar elke keer leren we weer beter omgaan met verschillen en in vrijheid leven met elkaar. En daar hebben we als het goed is ook geleerd om elkaar te vergeven, de hand over het hart te strijken, door de vingers zien, barmhartigheid tonen.
In het gezin hebben we ook voor het eerst ontdekt hoe belangrijk liefde is, om te leren geven en nemen. Alleen in liefde vallen eenheid en vrijheid van allen helemaal samen. In het gezin, maar ook in elke andere gemeenschap van mensen. Dat is een spannend avontuur. Het is een groot mysterie. Het is de weg waarop mensen elkaar gelukkig maken en gelukkig zijn.
De eenheid waar Jezus God, de Vader, om smeekt voor ons, is de eenheid van de liefde. Hij schenkt ons zichzelf in zijn liefde om ons te laten delen in zijn eigen eenheid met God. Jezus verlangt ernaar dat die eenheid van liefde door ons die in hem geloven, gedeeld en ervaren wordt. Jezus bidt dat allen die in hem geloven samen de leerschool van de liefde vormen: de kerk als het huisgezin van God. Het huisgezin van God waar eenheid en vrijheid samenvallen en samenwerken door de liefde. Die liefde is het geschenk van Jezus aan ons.
Nogmaals: liefde betekent dus niet dat alles van een leien dakje gaat, dat er geen verschillen van karakter, van roeping, van inzicht zijn.
De gedachte dat een gezin ideaal is als er geen verschillen zijn die voor verwarring of spanning kunnen zorgen, is fnuikend voor elke relatie. Het verlangen dat een gezin, een huwelijk, een gemeenschap ideaal moet zijn, maakt meer kapot dan ons lief is.
Heel wat gezinnen  en relaties hebben daarmee te kampen vandaag de dag.
Eenheid zonder echte vrijheid is verstikkend. Echte vrijheid zonder eenheid is vluchtig en vruchteloos.
We eren vandaag onze levende en overleden moeders die ons, met vallen en opstaan misschien, hun liefde geschonken hebben. Een betere start dan de moederschoot konden we ons niet wensen. We zijn niet uit de lucht komen vallen. We hebben door haar het leven ontvangen dat de poort is naar het eeuwige leven door het geloof in Jezus.

En willen we nog een oneindig mooi beeld van de liefde, denk dan steeds aan Maria, de moeder van de Heer. Zij is door haar geloof in Jezus de eerste en moeder van alle gelovigen. Zij verenigt ons allen in liefde als kinderen van God in vrijheid. Zij is die prachtige bloem die als een prachtig boeket bloemen alle mensen in hun veelkleurigheid bijeenbrengt en laat zien. Want laten we nooit vergeten. Daar gaat het om dat we groeien in de liefde van God, de vrijheid van Gods kinderen, de eenheid van Gods huisgezin, het eeuwig Vaderhuis waar plaats is voor velen, al die verschillende mensen. Amen

(c)Pastoor Martin Los