Van Conflict naar Gemeenschap. Herdenking 500 jaar Reformatie

Meditatie 500 jaar HeVan Conflict naar Gemeenschap. Herdenking 500 jaar Reformatiervorming gedenken 31 oktober 2017 oec. Gebedsdienst Mariakerk De Meern/Leidsche Rijn

Boven de ingang van het heilige der heiligen in de tempel te Jeruzalem was een enorme gouden wijnstok met ranken afgebeeld.
Laten we dat in gedachten houden wanneer Jezus zegt *): “Ik ben de ware wijnstok en mijn Vader is de wijnbouwer”. Dit beeld is een directe verwijzing naar de tempel als woning van God te midden van zijn volk: “Zie hier, Gods woning onder de mensen”.
Jezus Christus vergelijkt zich niet met deze wijnstok. Hij ís deze wijnstok zelf. Tegen zijn leerlingen zegt Jezus: “Ik ben de wijnstok, jullie zijn de ranken. Als iemand in mij blijft en ik in hem zal hij veel vrucht dragen”. De eenheid is niet gelegen in de ranken, maar in hun verbondenheid met de wijnstok. En deze eenheid is geen statische eenheid, maar ze is vol dynamiek. Er is sprake van vruchten dragen. En wat voor vruchten. Heerlijke druiven. Het doet denken aan een ander woord van Jezus: aan de vruchten herkent men de boom.
Het kan niet anders dan dat wij als christenen oprecht verlangen naar eenheid als we het beeld van Christus als de wijnstok voor ogen houden. En het kan ook niet anders dan dat we verlangen veel vrucht te dagen voor God en mensen.
Het was zeker niet Martin Luthers intentie om de eenheid te verbreken en een scheuring in de kerk tot stand te brengen. Hij wilde de kerk hervormen als een snoeimes in de hand van God, de wijnbouwer. Het is goed om dat voor ogen te houden. Dat dit niet gelukt is – en dat dit geleid heeft tot pijn en onbegrip en scheuringen – mag ons niet onverschillig maken. Het verlangen naar eenheid zal ons niet met rust mogen laten.
We gedenken als katholieken en protestanten 500 jaar Reformatie om ons verlangen naar eenheid uit te drukken en voor Jezus neer te leggen. Ook hier in onze eigen woonplaats.
Maar waar we heel erg naar iets verlangen dreigt het gevaar dat we ons vertillen en met pijnlijke spieren en gevoel van onmacht blijven zitten. Als we onze handen uitstrekken naar een eenheid die er nog niet is, hebben we geen oog voor de eenheid die al gegeven is. Dat is Christus zelf.
Ruim een halve eeuw geleden gingen de Lutherse, Protestantse en Rooms-katholieke kerken ertoe over om elkaars doop te erkennen. Dat is een enorme stap geweest. Daarmee erkenden ze dat de kerk van Christus groter is dan de eigen kerk. Want door de doop wordt een mens één met Christus die zegt: ‘Ik ben de wijnstok, jullie zijn de ranken’. Ook al zijn we kerkelijk gescheiden geraakt – mede door menselijke tekorten en historische omstandigheden – door de doop en het geloof in Christus zijn we één als ranken aan de wijnstok.
Ik vind het heel opvallend en heel vreugdevol dat we als christenen van de verschillende kerken – ondanks zaken die ons scheiden op het gebied van kerkelijke organisatie en vorm van eredienst – openlijk over ons geloof met elkaar kunnen spreken. Als voorgangers van heel verschillende kerken in Leidsche Rijn &Vleuten-De Meern zitten we tweemaandelijks bij elkaar. Daar zitten niet verschillende geloven aan één tafel – waar volgens het spreekwoord de duivel het liefst tussen zit – maar vrouwen en mannen, broeders en zusters die elkaar herkennen en die naar elkaar luisteren. Verschillen in traditie zijn dan geen reden tot hardheid van hart, maar kansen om elkaar beter te begrijpen. Wat we ontdekken is dat als we Christus centraal stellen, we de eenheid in Christus ervaren en de verschillen hoe taai en pijnlijk soms ook, kunnen verdragen en uithouden. Dit is mijns inziens een beweging die niet meer terug te draaien is, zoals eens de Hervorming niet terug te draaien was. Waar het op uitloopt, weet niemand, maar iedereen die niet blind is, kan zien dat kerkelijk verschillen ondergeschikt raken aan de beleving van het ene geloof in de ene Heer.
Op deze avond bevestigde Martin Luther zijn 95 stellingen op de deur van de kapel van Wittenberg. Het was de vooravond van het hoogfeest van Allerheiligen, het feest van de eenheid van alle gelovigen op aarde en in de hemel. Er zouden veel mensen vanwege het feest naar de kerk komen. Martin Luther wist hoe hij zijn boodschap tot hervorming van de kerk voor het voetlicht moest brengen. Hij maakt ook slim gebruik van de Boekdrukkunst die in zijn dagen net overal verspreid was. De 95 stellingen gingen op hetzelfde moment als Luther ze op de kerkdeur plakte, naar de drukkers die ze de volgende dagen over heel Europa verspreiden.
Nu vijfhonderd jaar later is er een nieuw communicatiemiddel dat zoveel sneller is en zoveel meer mogelijkheden biedt als de boekdrukkunst. Dat is het internet. Iedereen kan nu alles opzoeken wat hij wil. Qua communicatie zijn er geen kerkelijke grenzen meer. Alles is openbaar. We kunnen via internet elkaars diensten en vieringen bijwonen, de preken lezen of beluisteren, de kwesties die er spelen volgen, kennis nemen van het verleden. Het kan alleen maar leiden tot meer bekendheid met elkaar, mee vertrouwen in elkaars oprechte poging Jezus Christus te dienen. Fysieke kerkmuren – vroeger nog scheidingsmuren – worden steeds minder van belang. Bovendien begrijpen we als gelovigen van verschillende kerken dat we elkaar heel hard nodig hebben in een tijd dat de kerk in de marge van de samenleving terecht is gekomen. Dat is misschien wel de nieuwe hervorming van de kerk die we in onze tijd meemaken.
Hoe dan ook: de kerk begint bij de erkenning van Christus als de wijnstok die alle ranken verenigt. Dat is het beeld, het visioen, waaruit we leven. Een beeld dat bewerkt wat het voorstelt. Een beeld dat nog niets van zijn kracht verloren heeft. Wie het gezien heeft, laat het nooit meer los. Daar zijn wij ranken voor. Amen

Pastoor Martin Los
Evangelie in deze oecumenische gebedsdienst met voorgangers uit de verschillende kerken: Johannes 15:1-5

Luther. Een nieuwe biografie door Lyndal Roper

Martin Luther. De biografie. Door Lyndal Roper. 2016 Londen. Nederlandse vertaling 2017 Ambo/Anthos Robert Hartmans en Dirk Jan Snel

Aan de vooravond van vijfhonderd jaar Reformatie in 2017 verscheen een nieuwe biografie van Maarten Luther. De auteur is Lyndal Roper, hoogleraar geschiedenis in Oxford. Valt er nog iets nieuws te schrijven over zo’n bekende figuur als Luther, is de eerste gedachte die opkomt. Wat feiten en ideeën betreft nauwelijks. Maar geschiedenis bestaat uit veel meer. Dat blijkt uit het boek van Roper. Geschiedschrijving is ook verwondering, interpretatie en ordening. Als geboren Australische kijkt ze met een frisse blik naar de persoon van Luther en zijn tijd en omgeving.
Misschien is Roper wel de eerste vrouw die zich er toe gezet heeft een uitvoerige biografie van Luther te schrijven. Zij is er tien jaar mee bezig geweest. De omvangrijke briefwisseling van Luther met vrienden, medestanders, tegenstanders, en vijanden heeft ze bestudeerd in de volgorde waarin de brieven geschreven zijn. Heel haar interesse was gericht op de innerlijke ontwikkeling van de belangrijke Reformator om vandaaruit inzicht te krijgen in de handelwijze en de gevolgen daarvan en voor de lezer begrijpelijk te maken.
In tegenstelling tot onderzoekers die zich richten op zijn ideeën  zoals de rechtvaardiging door het geloof en de gewetensvrijheid, en de doorwerking daarvan in kerk, politiek en maatschappij, verdiept Roper zich allereerst in de gewone en tastbare dingen. Woonomstandigheden, financiën,  ziektes, menselijke omgang, vriendschappen, seksualiteit.
In het eerste hoofdstuk bijvoorbeeld beschrijft ze de mijnbouw in Mansfeld waar Hans Luther, de vader van Maarten, ondernemer was. Een hard en heel onzeker leven. Men moest investeren in materiaal en mensen, geld lenen, terwijl aan de buitenkant niet te zien was of dat deel van de berg dat jij bij opbod pachtte, zilver bevatte. Je moest geluk hebben. Booming business, maar niet voor iedereen en niet voor lang, ook niet voor Hans en zijn gezin. Hierdoor creëert Roper een duidelijke achtergrond voor persoon en leven van Luther.
Interessant is bijvoorbeeld ook dat Wittenberg doordat Luther er ging wonen als augustijner monnik en professor, in korte tijd zoveel studenten aantrok dat een hele stad uit de grond moest worden gestampt. De instandhouding van de universiteit legde een hele verantwoordelijkheid op Luther die hem feitelijk aan een territorium bond, anders dan humanisten als Erasmus die door Europa reisden. De enige buitenlandse reis die Luther maakte was in 1510 maakte, zeven jaar voor de beroemde 95 stellingen die hij bevestigde op de deur van de slotkapel in Wittenberg. Roper heeft zeker geen lofrede op Luther geschreven zoals zo vaak gebeurt met stichters van wie alle plooien worden gladgestreken. Ze brandt hem ook niet af zoals in de loop der tijd door tegenstanders is gebeurd. Soms uit ze haar bewondering, maar ook maakt ze geen geheim van dingen waar ze moeite mee heeft. Bijzondere aandacht schenkt ze aan de angsten, de twijfels, de vurigheid en humor, de woede en onbuigzaamheid van Luther. Niet omwille van deze emoties zelf, maar om hun effect te laten zien op de ontwikkeling van Luther en zijn verhouding tot medestanders en vrienden van wie hij gaandeweg velen van zich vervreemdde.
Lyndal Roper komt tot de conclusie dat de Reformatie als beweging van hervorming van de kerk succesvoller was geweest wanneer Luther net als zijn vriend Melanchton geneigd was, meer bereid was geweest tot compromissen sluiten met de andere protestantse stromingen in die tijd. Ze voert dit voor een belangrijk deel terug op zijn karakter. Daardoor bleef volgens haar de Hervorming van Luther tamelijk beperkt tot delen van Duitsland.
Meest bevreemdend vindt zij dat Luther uiteindelijk vasthield aan de werkelijke tegenwoordigheid van Christus in het sacrament van brood en wijn. Hij verafschuwde de Rooms-katholieke kerk geleid door de paus in Rome om allerlei redenen, hij schafte veel Roomse zaken zoals kloosters en ordes, aflaten, heiligenverering, private Missen, de sacramenten (op doop en avondmaal na) af, maar toch hield hij vast aan iets dat hij niet kon verklaren en waaraan hij toch vasthield: de onverklaarbare tegenwoordigheid van de Heer in het heilig sacrament van de communie. Dit is precies het mysterium fidei (mysterie van het geloof) van de katholieke kerk.
In een interview geeft Roper toe dat ze een soort haat/liefde verhouding heeft tot Luther omdat zij op bepaalde punten bewondering voor hem heeft, zijn vernieuwingsdrang, doorzettingsvermogen, literaire productiviteit (onder andere Bijbelvertaling), zijn herkenbaarheid als mens en op latere leeftijd genieter van de aangename dingen van het leven. Maar ze heeft duidelijk afkeer van de antisemitische kanten van Luther in zijn geschriften en uitlatingen in gezelschap. Dit gedrag is volgens haar niet te verklaren of te vergoelijken met een verwijzing naar de cultuur van die tijd.
Deze biografie van Luther geeft veel stof tot nadenken. Wellicht binnen Lutherse kringen. Maar ook in het gesprek tussen de kerken. Niemand zal zich meer met huid en haar willen identificeren met de verschillende standpunten van 500 jaar geleden. Niemand is gediend bij een herdenking waarbij ieder zijn gelijk van vijf eeuwen geleden probeert te halen. Gedenken is vooruitzien. Hervorming is een proces dat steeds opnieuw nodig, en dat geen kerk op stroming voor zichzelf kan claimen als iets dat voltooid is. Er is in de loop van de laatste vijftig jaar veel meer toenadering en begrip gekomen. Er is overeenstemming bereikt op veel punten nu de mist van de verzuiling is opgetrokken. We leven in een andere tijd, met nieuwe vragen. Daarvoor is alle hands aan dek nodig. Moge deze biografie daaraan bijdragen.

© Martin Los