Leven moet gevierd worden

Preek op de 2e zondag door het jaar 19 januari 2022 in de Onze Lieve Vrouw ten Hemelopnemingkerk te Houten

Lieve broeders en zusters, het Evangelieverhaal van de bruiloft te Kana geeft ons allen een blij gevoel. Vanwege de goede afloop. Het feest kan doorgaan. Maar vooral omdat het om een bruiloft gaat 1). Het geluk van mensen. Twee mensen beloven elkaar trouw. De hele gemeenschap, familie en vrienden, deelt in hun vreugde. Ze gunnen het paar alle goeds tijdens het avontuur dat ze beginnen. Geluk is aanstekelijk.
In deze contactarme tijd van Corona is het al bijna twee jaar onmogelijk om een bruiloftsfeest te vieren. Huwelijk kunnen wel gesloten worden, maar met niet meer dan een handjevol genodigden. Een feest zit er niet in. Bruiloftsfeesten worden niet voortijdig beëindigd wegens gebrek aan wijn zoals in Kana. Ze zijn bijvoorbaat onmogelijk.
Niet alleen bruiloftsfeesten zijn onmogelijk als gevolg van het virus. Talloze momenten die we normaal vieren, gaan niet door. Dat voelt niet goed. Het is alsof we als gemeenschap ziek zijn. Ook als geloofsgemeenschap lijden we hieraan. Het lijkt een lange tocht door een woestijn. We hebben dorst naar contact en om de vrijheid weer te vieren. Wat we opnieuw ontdekken is hoe belangrijk het is dat we het leven kunnen vieren. Dat zijn de momenten waarop we elkaar ontmoeten, nieuwe contacten leggen, het dagelijkse keurslijf even afleggen om te ervaren dat we vrij zijn.
Ons leven bestaat niet alleen uit noodzaak en nut. Echt leven bestaat ook uit vrijheid. Noodzaak is dat we moeten werken voor ons dagelijks brood om te overleven als mens en als soort. Arbeid en geboorteweeën. Het gaat met moeite en inspanning gepaard.  En we maken ons nuttig doordat we dingen maken om te gebruiken en een wereld om in te wonen. De wereld van organisatie en techniek, de maatschappij. Maar noodzaak en nut, hoe nodig en nuttig ook, zijn niet voldoende voor ons menszijn. We zijn geen slaven en ook geen robots.

Daar komt de menselijke vrijheid om de hoek kijken. Dat is leven met de vlag uit. Het leven vieren. Bij allerlei gelegenheden, feesten, spel, dans, humor, samen eten, onverwachte dingen doen, iets nieuws en verrassends kunnen beginnen. In deze pandemie beseffen we steeds meer de waarde van de vrijheid om het leven te kunnen vieren. Niet alleen persoonlijk, maar ook met elkaar. Anderen uitnodigen. Ook mensen die alleen zijn.
Daarmee zijn we terug bij de bruiloft te Kana. Het verhaal maakt ons blij. Op de één of andere manier vertelt het ons iets dat eigenlijk niet goed in woorden is uit te drukken. Het gaat om een mysterie dat we door ons geloof mogen herkennen en ervaren. Let op de aanwijzingen. De evangelist Johannes merkt aan het begin op: op de derde dag was er een bruiloft te Kana. De derde dag is ook de dag waarop Jezus uit de doden verrees. De paasmorgen. De dag waarop Jezus als de opgestane Heer die de dood had overwonnen aan zijn leerlingen verscheen. Na zijn doop in de Jordaan die we vorige zondag vierden, is de redding van de bruiloft te Kana het eerste teken dat Jezus doet. Het verwijst naar Pasen, naar verrijzenis, naar leven dat niet eindigt in teleurstelling en verdriet en dood. Een leven dat niet bestaat uit louter gezwoeg en perfectie. Zou het dan toch daardoor komen dat het verhaal van de bruiloft te Kana ons altijd zo raakt en blij maakt? We proeven er Pasen in. We proeven er Jezus Christus zelf in, zijn leven met God, zijn leven voor de mensen. Het eeuwige geluk, dat niet meer voorbijgaat. Hij gunt het ons. Hij geeft ons de ware vrijheid terug
We moeten dit verhaal dus niet als een buitenstaander benaderen, als iemand die zegt: ”water in wijn veranderen, dat kan toch helemaal niet?” Alsof het om iets scheikundig gaat. Nee, je moet als gast op het feest aanwezig zijn, je moet zelf proeven van het water dat in wijn verandert. Door het geloof en het water van de doop. Door Jezus te volgen in ons leven. Je moet als die bedienden zijn die luisteren naar de aanwijzing van Maria: “Doet maar wat hij jullie zegt!” De Bijbel gebruikt regelmatig beelden als bruidegom en bruid en bruiloftsfeest voor de relatie tussen God en mensen, tussen Jezus en zijn kerk. Zoals bijvoorbeeld de profeet Jesaja: zoals een bruidegom zich verheugt in zijn bruid zal uw God zich verheugen in u. 2)
Het is een beeld van het leven dat gevierd wordt, in vrijheid en in gemeenschap, liefde en trouw. Het geloof nodigt ons telkens uit om niet in frustratie te verzanden, om cynisme geen kans te geven, om het leven niet door egoïsme te vergiftigen, maar om steeds de vrijheid te proeven om een nieuw begin te maken. Om anderen een kans te geven op een nieuw leven door vergeving en verzoening, door de naaste in nood te helpen en ook van het leven te genieten.
Ook in deze pandemie waar we het leven niet kunnen vieren zoals we graag zouden willen en zoals we ook eigenlijk zouden moeten kunnen, kunnen we het leven veraangenamen voor elkaar door aandacht te hebben voor de mensen om ons heen, de gemeenschap van familie en vrienden, door een positief geluid te laten horen. Jezus geeft ons zin in het leven. Een altijd nieuwe zin.
Ik las laatst ergens iets dat me door zijn inzicht overweldigde: het wezen van geluk is, dat het voorbijgaat. Dat trof me diep. Alle menselijke geluk is kwetsbaar en voorbijgaand. Als menselijk geluk ondanks dat het kwetsbaar is en voorbijgaat, al zo mooi is en het vieren waard, hoe wonderlijk moet dan niet het geluk zijn dat nooit voorbijgaat, geluk in het licht van het Paasmysterie, het leven met God door Jezus. “Anderen schenken eerst de goede wijn en als die opraakt, de mindere. Maar u hebt de beste wijn voor het laatste bewaard”. Amen

Martin Los, pr
1) Evangelielezing op deze 2e zondag jaar C: Johannes 2:1-12
2) 1e lezing: Jesaja 62:1-5
afbeelding: Orthodoxe Ikoon: Jezus en Maria op de bruiloft te Kana

De doop als vingerwijzing

Preek op het feest van de Doop van Jezus op 9 januari 2022 in Mariakerk en Willibrordkerk

Lieve broeders en zusters, de doop van Jezus wordt in de kerken van de Oosters-Orthodoxe, Syrische Orthodoxe en Koptische  traditie heel uitbundig gevierd als hun Kerstmis. Na de viering in de kerk gaan de Grieks-orthodoxen met een icoon van Jezus’ doop naar een nabijgelegen rivier, zee of haven, waar de priester het water zegent. Daarna gooit hij er een kruis in en jongemannen duiken vervolgens het water in om het kruis weer op te vissen. Dit alles herinnert aan de Doop van Jezus die in het water afdaalde bij zijn doop door Johannes en uit het water opsteeg. Want het water werd immers door Jezus geheiligd en aangewezen om de materie te vormen voor het teken van de doop van alle mensen, toen hij bij zijn hemelvaart zei: Gaat uit, verkondigt het Evangelie en doopt alle volkeren in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
De doop van Jezus – en de nederdaling van de Heilige Geest op hem die Lukas ons verhaalt – is het moment waarop hij wordt aangesteld door God, de Vader, om zijn ambt te beginnen. Het is zijn ambtsaanvaarding. Dertig jaar heeft Jezus min of meer in in de schaduw geleefd en deel genomen aan het dagelijks leven in Nazareth waar zijn vader Jozef timmerman was. Dertig jaar was de leeftijd waarop volwassen mannen zich voor het eerst in het openbaar mochten wagen te spreken over godsdienstige zaken. We horen wel dat Jezus opgroeide in genade en wijsheid maar in het openbare leven stelde hij zich dus bescheiden op tot zijn dertigste. Hij koesterde zijn roeping, in het gezelschap en onder de bescherming van Maria en Jozef. Het optreden van Johannes de Doper in de woestijn was voor Jezus het teken om zijn roeping te volgen, in de overtuiging dat zijn hemelse Vader hem zou aanwijzen door een teken uit de hemel. Hij stelde zich door zijn doop gelijk met gewone mensen die besef hadden van hun menselijke tekorten, en snakten naar vergeving en vernieuwing. Vanaf het begin toonde Jezus dat hij niet gekomen was om te heersen, maar om te dienen. Zo was het en zo is het nog steeds. Wanneer wij gedoopt worden als volwassene of ons herinneren als kind gedoopt te zijn, hoeven we geen koudwatervrees te hebben, want Jezus zelf is ons door het water voorgegaan. Ja, hij is het zelf die ons doopt, niet alleen met water met maar vuur en met geest. wanneer we gedoopt worden in de naam van de Vader, de Zoon en de Heilige Geest.
Jezus werd bij zijn doop vanuit de hemel aangewezen door de Heilige Geest toen hij zijn opdracht als Messias ontving van de Vader. De Heilige Geest wordt in de Evangeliën wel de vinger van God genoemd. Als wij geloven in Jezus als de gezalfde, de Christus, dan volgen wij de vingerwijzing van God die zegt: Dit is Hem, dit is mijn geliefde Zoon in wie Ik mijn welbehagen heb. Maar als wij die vingerwijzing volgen en dus geloven in hem, daalt diezelfde Geest door de doop op ons neer. Dan klinkt in ons hart die stem die zegt: jij, mensenkind, jij bent mijn kind, volg mijn Zoon, luister naar hem. Dat is diezelfde vingerwijzing.
Paulus schrijft in één van zijn brieven: De Geest van God, getuigt met ons eigen geest dat we kinderen van God zijn. Dat is onze zekerheid. We hoeven niet te twijfelen of wij in God een hemelse Vader hebben. We hoeven niet te twijfelen of we door onze eigen menselijke gebreken wel voldoen aan het kriterium kinderen van God te zijn. Net zoals een kind niet hoeft te bewijzen door zijn gedrag een kind van zijn ouders te zijn, want het is hun kind en zelfs erfgenaam door zijn geboorte. Zo zijn wij niet van nature maar door Gods genade zijn kinderen. De doop en het geloof staan daar garant voor.
Net zoals de aanwijzing van Jezus bij de doop niet het einde is van zijn weg, maar het begin, zo is ook onze doop niet een soort eindpunt waarna wij op onze lauweren kunnen rusten alsof ons doel bereikt is. Het is het begin van een leven aan de hand van Gods beloften. Het geloof in Jezus wordt vergezeld en gesteund door de hoop en de liefde. Zij geven het geloof de vleugels die het nodig heeft. Hoop en liefde zorgen ervoor dat ons geloof niet op zichzelf gericht blijft. Niet narcistisch of vol zelfverwijt en twijfel. Niet onvruchtbaar en vreugdeloos. Hoop en liefde verbinden ons met de toekomst en met de wereld en de mensen om ons heen. Hoop verbindt ons met de toekomst omdat we niet de moed opgeven.
We leven in een tijd waarin meerdere crises samen lijken te komen. We zien allerlei zekerheden ondermijnd en voelen ons onveilig. Het is belangrijk dat we door ons kindschap van God ons bewust zijn van onze opdracht om ook onder deze omstandigheden ons veilig bij Jezus voelen. De hoop zorgt er voor dat we steeds lichtpunten zien en initiatieven en kansen om aan bij te dragen. Om niet te zwichten voor een negatieve instelling als complottheorieën. Natuurlijk kunnen bestuurders zich vergissen en fouten maken. Kritiek is dan terecht en nodig. Maar argwaan over de motieven van bewindslieden vreet wantrouwen alles aan. Daar is dan ook geen hoop meer. En waar geen hoop meer is, is alleen maar wanhoop. We moeten niet mee sympathiseren met mensen die gewelddadig handelen staan tegenover overheidspersonen en hulpverleners. En de liefde maakt dat we bereid zijn offers te brengen om het goede te bevorderen.
Laten we niet denken: wij zijn maar klein, wat maakt het uit wat ik doe, het helpt toch niks. Eén kaars kan een hele kamer verlichten en het duister verdrijven. Laten we niet verzuchten dat de kerk maar klein is en geen verschil kan maken. Juist in deze onveilige tijd is het nodig dat we door ons gebed, door onze standvastigheid en door onze vredesgezinde instelling getuigen zijn van God en Jezus in deze wereld door de Heilige Geest. Dat is leven vanuit de doop en het geloof vergezeld door de hoop en de liefde. Amen

(c) Martin Los, pr

Evangelielezing tijdens de eucharistie op het Feest van de Doop van Jezus: Lukas 3:15-16, 21-22