Stefanus, voorwerp van haat, voorbeeld van liefde

Preek op St. Stefanusdag, 2e Kerstdag 2018

“Ik zie de hemel openstaan en de Mensenzoon staande aan Gods rechterhand” 1)
Lieve zusters en broeders, Stefanus neemt een bijzondere plaats in onder de heiligen. Hij is de eerste martelaar die ten tijde van de eerste christenen zijn leven gaf voor zijn geloof. Hij wordt genoemd in de Handelingen der apostelen als één van de eerste diakenen.  Zij moesten voor de armen moesten zorgen.  Stefanus getuigde met zijn leven voor zijn geloof in Jezus Christus. ‘Martelaar” betekent niet iemand die gemarteld wordt. Ons woordje martelaar komt van het Griekse ‘martyr’ dat getuige betekent. Een getuige is iemand die wordt opgeroepen voor de rechtbank om te getuigen wat hij gezien heeft. Hij moet dus getuige van de waarheid zijn. Stefanus verkondigde als diaken het Evangelie als de goddelijke waarheid, Maar hij bevestigde zijn verkondiging door er zijn leven voor te geven toen het erop aan kwam. Toen hij slachtoffer werd van menselijke haat en religieus fanatisme dat helaas van alle tijden is, offerde hij bewust zijn leven door te bidden: “Heer Jezus ontvang mijn geest” en vervolgens: “Heer, reken hun deze zonde niet aan”.

Sint Stefanus (Carlo Crivelli)

Met die woorden toont Stefanus zich een geloofsgetuige en getrouwe volgeling van Jezus. Wat hij zegt als hij gestenigd wordt, is bijna een kopie van wat Jezus zelf uitriep toen hij gekruisigd werd: Vader, in uw handen beveel ik mijn geest” en “Heer, vergeef het hun want ze weten niet wat ze doen”.
Onze Heer Jezus zelf is de eerste martelaar. De martelaar die aan alle martelaren voorafgaat. We belijden het elke zondag met de woorden: “Die geleden heeft ons Pontius Pilatus”. Stefanus is de eerste martelaar na Jezus zelf. Zijn getuigenis moet diepe indruk gemaakt hebben op zijn medegelovigen. Dat hij in het aangezicht van de dood niet terugkrabbelde en zijn geloof verloochende om zijn leven te redden. Hij ontving kracht de heilige geest om ook toen het erop aan kwam trouw te blijven aan Jezus Christus.

Dat had Jezus zelf ook beloofd: “jullie zullen een voorwerp van haat zijn voor allen omwille van mijn Naam. Wie echter ten einde toe volhardt, zal gered worden”. 2)
De kerk van de eerste eeuwen was een vervolgde kerk. Openlijk voor het geloof in Christus uitkomen was in het Romeinse rijk niet toegestaan. Drie eeuwen lang niet. Kerken bouwen was helemaal uitgesloten. Talloze christenen stierven ten gevolge van hun geloof. Zij bouwden voort op het fundament dat Jezus zelf gelegd had door het offer van zijn leven. Dat maakt indruk op de heidense omgeving. Velen zijn erdoor tot geloof gekomen.
Wij hoeven in onze streken niet meteen te vrezen voor ons leven als we uitkomen voor ons geloof. Maar dat we niet begrepen worden door onze kinderen of onze ouders, dat we vrienden kunnen verliezen als we uitkomen voor ons geloof, dat we gediscrimineerd zullen worden als we op maatschappelijk gebied staan voor christelijke waarden, is best mogelijk.
Dat wil niet zeggen dat deze tijd dus onvruchtbaar is voor kerk en geloof. Misschien kunnen we juist daardoor weer het mooie en kostbare van ons geloof aan de mensen laten zien. In de voorbije eeuwen kon je aanzien en macht verwerven in de kerk. Deed je wat je als christen deed oprecht uit geloof of om er zelf beter van te worden? Dat is nu niet meer zo. Ons geloof lijdt niet meer onder de schijn van huichelarij. En wat zeker is dat onze band met Jezus Christus versterkt zal worden als we omwille van ons geloof offers brengen.
Jezus zelf werd als mens geboren met een lichaam. We vieren het uitdrukkelijk en feestelijk met Kerstmis. Dat lichaam was voor hem niet alleen een instrument om in leven te blijven en werkzaamheden te verrichten, te lopen, te eten en te drinken. Zijn lichaam was voor Hem ook de ultieme mogelijkheid om zich op te offeren voor de wereld en zo dienaar van alle mensen te worden. Zijn offer brengt God en mensen bijeen in een nieuw en eeuwig verbond. Zijn bloed maakt ons door het geloof in Hem tot Gods kinderen.

Laten wij ook ons lichaam gebruiken – niet voor onszelf alleen – maar om anderen ten dienst te staan. En als we tegenstand ondervinden, laten we dan niet boos afhaken of wraakgevoelens koesteren. Nee, laten we het onrecht dat we mogelijk lijden opdragen aan God zoals Stefanus deed in navolging van Christus.
Alleen waar mensen bereid zijn te vergeven, breekt echt een nieuwe wereld aan. Alleen waar mensen bereid zijn kwaad met goed te vergelden, lopen onze menselijke wegen niet dood. Als geloof ons niets mag kosten – en alleen maar een comfortzone is – zullen we zelf vervreemden van ons geloof. Laten we daarom blij zijn wanneer geloof in Christus ons iets kost. Hij brengt ons nog dichter bij Hem en bij de vervulling van ons leven bij God in de hemel. We danken St. Stefanus voor zijn moedige getuigenis. H. Stefanus, bid voor ons. Amen

(c) Pastoor Martin Los

1) 1e lezing tijdens de Mis: Handelingen der apostelen 6:8-10,7:54-60
2) Evangelielezing: Matteüs 10:17-22
afbeelding St. Stephanus door Carlo Crivelli.
https://www.nationalgallery.org.uk/paintings/carlo-crivelli-saint-stephen
De heilige is afgebeeld in een dalmatiek, het kleding stuk dat de diakens eeuwen later in de liturgie droegen. Hij draagt als attribuut als diaken het Evangelieboek dat ttv Stefanus nog in wording was. De tonsuur (kaalgeschoren kruin) bestond uiteraard ook nog niet.

Die geleden heeft onder Pontius Pilatus

Korte overdenking tijdens de Goede Vrijdagavond viering op 30 maart 2018 Mariakerk

“Ik vind helemaal geen schuld in Hem’. Lieve zusters en broeders, deze woorden zijn niet de uitspraak van een goedwillende burger die sympathiek staat tegenover Jezus. Hier is de stadhouder Pontius Pilatus aan het woord. Zijn woorden hebben dus een groot gewicht. De stadhouder is de hoogste rechter volgens het Romeinse recht.
In feite spreekt hij Jezus vrij. Dat is heel belangrijk want hier is een rechtszaak gaande. Jezus is aangeklaagd. Met de doodstraf als mogelijk vonnis. In een rechtszaak gaat het om de waarheid. Met het oordeel van de wereldse rechter staat nu Jezus’ onschuld naar waarheid vast voor iedereen.
Daarom bezingen we onze Heer Jezus Christus met de woorden: “O Lam van God onschuldig, te allen tijd geduldig”. Natuurlijk wist God, de Vader, dat in de Zoon geen enkele ongerechtigheid kon worden gevonden. En ook voor ons die geloven is de onschuld en voortreffelijkheid van Jezus zonneklaar. Hij is het “Licht dat in de wereld gekomen is” zoals Christus genoemd wordt aan het begin van het zelfde Johannesevangelie waarvan we nu met het Lijdensverhaal het slot horen. Maar ook de aardse rechtbank heeft verklaard dat Jezus onschuldig was.
“Die geleden heeft onder Pontius Pilatus” – woorden uit de geloofsbelijdenis die elke zondag in de Mis klinkt -zijn dus niet alleen een verwijzing naar een historisch feit, maar het is het getuigenis dat Jezus onschuldig geleden heeft.

Nogmaals de onschuld van Jezus was niet afhankelijk van het oordeel van de rechter Pilatus, maar voor altijd is zo vastgelegd dat hij waardig bevonden is onschuldig zijn leven te geven. Niet omdat Hij zelf schuldig was, maar om voor hen die schuldig zijn, voor zondaars, zijn leven te geven en hun zonden en schuld te bedekken.
Alleen hij die zonder zonde is, kan door het offer van zijn leven, de zonde een halt toe roepen. Voor allen die in Hem geloven.
We gedenken vandaag, op de dag zelf, het offer van zijn leven dat Jezus Christus uit liefde voor de wereld, en voor ons allen heeft gebracht.
Hij geeft ons dat offer in handen opdat wij niet met lege handen zouden staan, maar om van God barmhartigheid te verkrijgen. Zoals wij nu in Jezus Christus, onze gekruisigde Heer, Gods liefdevolle aangezicht zien, zo ziet God ons in Zijn Zoon aan, met wie wij door het geloof verenigd worden.
Daarom noemen we deze dag niet ‘trieste vrijdag’ maar ‘ Goede Vrijdag’. En we bezingen innig het onschuldige Lam Gods dat wegneemt de zonden der wereld. Moge die lof altijd op onze lippen zijn: “Wij aanbidden U Christus, en loven U, omdat ge door uw heilig kruis de wereld hebt verlost

(c) pastoor Martin Los
In de Goede Vrijdagavondviering wordt altijd het lijdensverhaal volgens Johannes gelezen.
Ecce lignum crucis in quo salus mundi pependit  Zie het kruishout aan wie het heil der der wereld is gehangen
Lied dat gezongen wordt dens de kruishulde op Goede Vrijdagavond